Ploeger, het opgeblazen bestuur en de stroman

In 2007 verscheen van de hand van de bestuurskundige Klaartje Peters een scherpe kritiek op het nut van de provincie. De titel van haar vlijmscherpe boek - Het opgeblazen bestuur – laat dan ook niets aan de verbeelding over. De provincie, zo luidt haar kritiek, is feitelijk een bestuurslaag die zijn bestaansrecht probeert te rechtvaardigen door zich belangrijk te maken met bestuurders en politici die zich willen profileren met onnodig en soms zelf onzinnig beleid. Alleen al de provincie Noord-Brabant gaf in 2006 € 3.700.000 aan communicatie om haar bestaansrecht op de rails te krijgen.
Dat Peters kritiek niet bij iedere provinciale bestuurder even goed viel, was te verwachten. Naar aanleiding van een interview in de Volkskrant, reageerde Jan Ploeger, directeur ruimtelijke ordening IPO. In de Volkskrant, (14 juni 2007) bekritiseert hij Peters als volgt: “Laten we beginnen met de halve waarheden. De provincies moeten zich volgens Peters alleen bezighouden met de opgedragen kerntaken. Als bestuurskundige zou ze moeten weten dat dit grondwettelijk helemaal niet is vastgelegd. Alle drie de bestuurslagen kunnen werken aan dezelfde thema’s. Daarbij moet natuurlijk dubbel werk worden voorkomen.”
Analyse. Wat schrijft Peters over de taken en de grondwet? In het gewraakte stuk in de Volkskrant helemaal niets. In haar boek, uitgegeven bij Boom, wijt zij daar wel een passage aan. Op pag. 109 schrijft ze: “Op veel andere beleidsterreinen is er niets geregeld over de rol van de provincies. Dat betekent niet dat een provincie zich niet op die terreinen kan begeven. Net als gemeenten hebben provincies in ons bestuurlijk stelsel een ‘open huishouding’, wat betekent dat ze op hun grondgebied alle maatregelen mogen treffen die ze nodig achten. Voorwaarde is wel dat deze maatregelen niet in strijd mogen zijn met hogere regelgeving.”
In het stuk in de Volkskrant en in haar boek stelt Peters helemaal niet dat de provincies zich op grond van de grondwet uitsluitend moeten bezighouden met de opgedragen kerntaken. Ploeger vertekent het standpunt van Peters en maakt zich schuldig aan een stroman.

© 2007 R.G.M. Ritzen