Tillie en de persoonlijke aanval

In het boek ‘Het land van haat en nijd’ van de Vrij Nederland redacteuren Max van Weezel en Margalith Kleijwegt stelt minister Donner dat als ‘tweederde van de Nederlanders morgen de sharia wilt invoeren, die mogelijkheid moet bestaan’. Volgens Donner is dat nu juist de essentie van democratie. Een ruime meerderheid (70%) van de Nederlanders, stelt hoogleraar Jean Tillie (UvA) in december 2006 , is het oneens met de uitspraken van de minister van Justitie. “Donner begon een principiële, theoretische discussie over de democratie, maar werd overspoeld door verwrongen reacties die grotendeels gebaseerd waren op angst. Angst voor ‘De Ander’, angst voor de vreemdeling. Vooral een ongegronde angst: een overgrote meerderheid van de Nederlandse moslims is tegen invoering van de sharia. Nederland is dus nog steeds de weg kwijt. Een normaal debat over de multiculturele democratie blijkt niet mogelijk en wordt in de kiem gesmoord.”
Analyse. Tillie hoeft na zijn analyse niet meer inhoudelijk in te gaan op de argumenten van de tegenpartij. Die zijn immers grotendeels gebaseerd op ongegronde angst. En daarmee wordt het debat meteen gediskwalificeerd als ongegrond: het leverde verwrongen reacties op. Los daarvan kan men Tillie ook nog vaag taalgebruik verwijten vanwege het gebruik van termen als ‘grotendeels’.
Het woord ‘dus’ suggereert een logica die er niet is: vanwege de vele verwrongen reactie is Nederland dus de weg kwijt.

© 2007 R.G.M. Ritzen