Brouwer en de persoonlijke aanval

Harm Brouwer, voorzitter van het college van procureurs-generaal, vindt dat er in Nederland een breed maatschappelijk debat moet komen over de actieve rol van burgers bij de opsporing van misdrijven en verdachten (Trouw, 8.2.2008).
Peter R. de Vries heeft volgens hem goed journalistiek werk geleverd met een reportage waarin hij via een burgerinformant Joran van der Sloot een bekentenis uitlokte over de verdwijning van Natalee Holloway. „De kritiek uit mediakringen op De Vries is behoorlijk hypocriet”, meent Brouwer. „Wat hij deed, is een logisch vervolg op een trend die al jaren aan de gang is. Hij is in vele opzichten een journalistieke vakman. Jarenlang hield iedereen zijn mond over zijn werk”.
Tot wie Brouwer zich richt, is niet helemaal duidelijk. Feit is wel dat met name Gerard Spong zich in het NRC negatief uitliet over het werk van De Vries. Spong wees er onder meer op dat De Vries een strafbaar feit heeft begaan door een opname uit te zenden die met een verborgen camera werden gemaakt.
Analyse. Is Brouwers verwijt van hypocrisie terecht of is hier sprake van een persoonlijke aanval aan het adres van (wellicht) Spong? Brouwer geeft twee redenen. De eerste is dat de bekritiseerde praktijk al jaren aan de gang is. Deze kwestie is niet meer dan een vervolg erop. De tweede is dat de critici eerder hun mond niet hebben opengedaan.
Het gegeven dat een praktijk al jarenlang speelt, maakt die praktijk op zich nog niet legitiem. Het is niet meer dan een feitelijke constatering, die op zichzelf geen normatieve implicaties heeft. De tweede reden is evenmin relevant. Waarom zouden alleen diegenen die De Vries eerder bekritiseerd hebben, recht van spreken hebben? De vraag of kritiek op de werkwijze van De Vries terecht is, hangt niet af van de vraag of de criticus in een eerder stadium die werkwijze al bekritiseerd heeft.
Spong heeft aangegeven dat De Vries zich met zijn werkwijze schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit. Dat De Vries dat eerder deed en dat Spong (of andere critici) daar eerder nooit iets over gezegd heeft, doet niet ter zake.
Het verwijt van ‘hypocrisie’ is daarom te kwalificeren als een persoonlijke aanval.

© 2008 R.G.M. Ritzen