Cels en de vertekening van een standpunt

Sanderijn Cels, communicatiedeskundige, meent dat Barack Obama sympathie verdient (Trouw, 24.1.2008). “Niet alleen omdat hij zo’n oprechte, aardige kandidaat is – hij profileert zich immers als een welwillende en inspirerende verzoener. Maar ook omdat hij er uitgerekend om die reden van langs krijgt. Hillary Clinton doet er alles aan om zijn leidersprofiel te ondermijnen. En met succes: Obama kan zich momenteel moeilijk profileren op de manier die hij zelf voor ogen heeft. Daarmee toont Clinton zich een heel behendig politicus – geschikt voor het Witte Huis.”
Clinton, zo stelt Cels, richt zich ook op de carrière van Obama. Zo stelt ze vraagtekens bij zijn ervaring als bestuurder door te constateren dat hij slechts parttime senator in Illinois is geweest. Het doel is duidelijk. In de V.S. stelt een parttime baan namelijk niet veel voor. Het gaat echter om een functie die sowieso een deeltijdbaan is, maar dat weten veel mensen niet.
“Doordat Clinton steeds met modder gooit, raakt de ’verheven’ Obama besmeurd. Hij wordt betrokken in welles-nietes ruzietjes en blijkt niet immuun te zijn voor de politieke spelletjes waarboven hij nou juist meent te kunnen en te willen uitstijgen. Clinton trekt hem het moeras in dat hijzelf beweerde te ontlopen. Vervolgens kan ze constateren dat hem dat dus niet gelukt is, terwijl zij er zelf voor gezorgd heeft dat hij in de plomp terecht is gekomen.”
Obama moet zich aldoor verdedigen. Zo moest hij in het CNN-debat deze week uitgebreid staan uitleggen waarom hij neutraal gestemd had bij bepaalde wetsvoorstellen. Obama sputterde dat zaken werden verdraaid. Clinton speelde de vermoorde onschuld: de Amerikaanse burger heeft er recht op te weten wat het politieke verleden van hun kandidaten was.
“Natuurlijk is Clintons manier van doen uitgekookt. Betreurenswaardig is het zelfs. Je ziet de sympathieke verzoener voor je ogen vechten om het hoofd boven water te houden, terwijl hij steeds naar onder wordt gedrukt. Maar je moet het haar nageven: Clinton toont zich een ijzersterk en gewiekst politicus. Ze laat zich niet meevoeren in het zoete verzoeningsdiscours van haar tegenstander. Dat zou haar ontwapenen en laten we eerlijk zijn: een blonde vrouw die ontwapend wordt, wordt zeker geen president van Amerika. Vriendelijkheid van haar kant zou haar zwak doen overkomen. Haar aanpak is dus wel zo slim.”
Deze analyse leverde bij een lezer irritatie op: “Wat heeft dit stuk een nare insteek. Rattengedrag ophemelen omdat dit in het witte Huis gewenst is. Dit zegt veel over de mentaliteit van vandaag de dag. Maakt niet uit hoe je wint, als je maar wint? Ik ben geen aanhanger van de jaren-50-mentaliteit met de daarbij behorende geur van kool en wasgoed. Maar ik vind het wenselijk dat dit soort politiek bedrijven stopt en veroordeeld wordt.”
Analyse. Wordt het rattengedrag door Cels opgehemeld? Dat lijkt me onterecht. Cels analyseert de moddercampagne van Clinton en stelt vast dat die strategie werkt. Daarmee spreekt zij geen morele waardering uit. Zij constateert dat de strategie effectief is. Dat is een empirische bewering. Voorzover Cels al een normatieve waardering uitspreekt, is dat eerder ten nadele van Clinton: haar manier van doen is betreurenswaardig.

© 2008 R.G.M. Ritzen