Abspoel en de stroman

Niet iedereen was erg gecharmeerd van Doekle Terpstras oproep tot meer tolerantie. Dat aanhangers van Wilders het manifest ‘Bouwen en benoemen’ niet zouden ondertekenen, lag voor de hand. Maar in het geval van Özgümüs en Abspoel (Vluchtelingen Organisaties Nederland) was dat anders. In de VK (4.1.2008) legden ze uit waarom. “In de ogen van de witte mannen en vrouwen achter Benoemen en Bouwen lijken waardevolle initiatieven pas te bestaan, als ze door hen benoemd en erkend zijn.” Terpstra wilde alleen ‘witten’ op de lijst van ondertekenaars. Op basis hiervan concludeerden de auteurs dat allochtonen door Terpstra en de zijnen niet getolereerd werden. En dat impliceerde weer dat “de allochtoon in hun ogen hoogstens de status van goed voorbeeld kan bereiken, maar nooit die van gewone Nederlander, van gelijke. Dit leidt er indirect toe dat allochtonen altijd weer aangesproken kunnen worden op de problemen waar hun groep voor zorgt.”
Analyse. Dit is een voorbeeld van een stroman, in het bijzonder van het opblazen van een vooronderstelling. In dit geval kunnen we het opblazen stapje voor stapje volgen: (1). geen allochtoon op lijst van Terpstra; (2). dus allochtonen worden niet getolereerd; (3). niet tolereren impliceert weer dat de allochtoon niet een gewone Nederlander kan zijn en (4) uiteindelijk leidt de lijst ertoe dat allochtonen altijd weer aangesproken kunnen worden op de problemen waar hun groep voor zorgt. Waar een lijst al niet toe kan leiden.

© 2008 R.G.M. Ritzen