't Hooft en de persoonlijke aanval

Weblogs zijn in. Ook de wetenschappelijke en filosofische. Niet iedereen is even enthousiast over de kwaliteit van die weblogs. Eén van hen is prof. dr. ’t Hooft. Volgens deze nobelprijswinnaar “staat er een hoop flauwekul op. Mensen die weblogs hebben, zitten vaak in het alternatieve circuit en schoppen tegen de gevestigde orde. Ze voelen zich buitengesloten van de academische wereld en gaan dan publiceren op internet. Het is een ongecontroleerd medium waar vaak rare ideeën op te vinden zijn.” ’t Hooft, zo zegt hij zelf, surft nooit naar een weblog (NRC, 19.1.2008).
Analyse. ’t Hooft heeft een uitgesproken mening over weblogs (hoop flauwekul; bloggers voelen zich buitengesloten, etc.), maar surft nooit naar een weblog. Het roept verbazing op: hoe kan hij nu weten dat er een hoop flauwekul op staat. Dat is een tegenspraak, maar waarschijnlijk bedoelt hij dat hij het na een aantal bezoekjes aan de webblog wel gezien had. Met andere woorden: ‘nooit’ is feitelijk ‘niet meer.
Daarnaast ontpopt ’t Hooft zich als een heuse psycholoog en legt hij subtiel de ziel van de blogger bloot: ze “voelen zich buitengesloten en gaan dan publiceren op internet.” Dat is dan kennelijk de verklaring voor het feit dat de wetenschappelijke weblogs een hoog onzingehalte hebben. Hier maakt de auteur zich schuldig aan een persoonlijke aanval. De auteur, die de weblogs dus nooit leest, legt de persoonlijke motieven, in dit geval frustaties, van de bloggers bloot.
(U bent dus na de wijze woorden van ’t Hooft gewaarschuwd: u leest de blog van een gefrustreerd persoon….)

© 2008 R.G.M. Ritzen