Van Bommel & Taebi en het hellend vlak

Het toelatingsbeleid van de Universiteit Twente is aangepast op verzoek van de ministers Plasterk en Verhagen. Die aanpassing komt erop neer dat Iraanse studenten worden geweerd. Daarmee voldoet Nederland aan het sanctiebeleid van de VN dat erop gericht is om Iran het produceren van kernwapens te bemoeilijken. “Wat een onzin”, riepen SP-kamerlid Harry van Bommel en TU-docent Behnem Taebi. “De kerncentrale in Bursehr zal binnenkort operationeel worden en Iran beschikt al over een uraniumverrijkinginstallatie. (….) Met de voorgeschiedenis van de Pakistaanse atoomspion Kahn is de voorzichtige houding van de regering te begrijpen.” Vervolgens stellen ze, dat we ons met het uitsluiten van mensen op basis van nationaliteit op een hellend vlak begeven. “Waar trekken we de grens? Gaan we een lijst van gevaarlijke staten opstellen om hun bevolking uit te sluiten van deelname aan de wetenschap?”
Analyse. Eerst stellen de auteurs dat de maatregel onzinnig is. Vervolgens is de houding van de regering begrijpelijk. Weliswaar is het tegendeel van ‘onzinnig’ niet ‘begrijpelijk’, maar wringt het niet dat de maatregel tegelijk onzinnig én begrijpelijk is? Wellicht bedoelen de auteurs dat de houding verklaarbaar is in het licht van de geschiedenis. Aangezien we uitgaan van de maximaal redelijke interpretatie, gaan we uit van ‘begrijpen’ in de zin van ‘verklaarbaar’. In dat geval is er géén sprake van een drogredenen.
In dezelfde alinea stellen de auteurs dat we ons op een hellend vlak begeven. Dat is onjuist. Het zijn de auteurs van de brief die zich met hun argumentatie schuldig maken aan het hellend vlak. Het gaat in eerste instantie erom de stroom van ‘gevaarlijke’ kennis richting Iran te bemoeilijken. Van Bommel & Taebi suggereren dat de volgende stap is dat de bevolking van gevaarlijke staten wordt uitgesloten van deelname aan de wetenschap. Iran wordt ‘gevaarlijke staten’ en specifieke natuurwetenschappelijke kennis wordt ‘de wetenschap’. Dit is het hellend vlak (maar dan anders dan de auteurs voor ogen staat).

© 2008 R.G.M. Ritzen