Van Grieken en het juiste midden

“Als je polarisatie gebruikt als synoniem voor het benadrukken van tegenstellingen is het juist dat het debat in het begin hiertoe leidt. En dat is ook goed te noemen”, menen Van Grieken en Piras in Trouw (27.2.08). “Het scherp benoemen van tegenstellingen moet in het begin worden gestimuleerd. Dus we moeten juist niet direct zoeken naar de nuance van de middenweg maar juist het debat aangaan met elkaar. Daarna is er wel degelijk ruimte voor de nuance.” Ze nemen stelling tegen minister Vogelaar die onlangs nadrukkelijk stelde dat ze de polarisatie in het integratiedebat wil verminderen en het wij- en zij-denken wil doorbreken. Ook zijn ze het niet eens met minister Hirsch Ballin die zich eveneens uitsprak tegen het benoemen van tegenstellingen. In het radioprogramma De Ochtenden zei hij onder andere het volgende: ‘Als wij doorgaan met spreken alsof ons land verdeeld is, of andere valse tegenstellingen creëren dan maken wij dingen alleen maar erger’. “Hier slaan beide ministers de plank mis. Een debat gaat niet over zaken waarover we het eens zijn. Juist de zaken die ons scheiden, en die zijn er toch wel degelijk bij dit onderwerp, zijn hier interessant. Door eerst de uitersten te belichten kun je in het midden uitkomen.”
Analyse. De verwijzing naar het midden klinkt altijd wijs, maar is het dat ook? Als iemand beweert dat “2+2=4” en ik zeg dat 2+2=6, dan concluderen we toch ook niet dat 2+2=5 het beste antwoord is. Bovendien merkt Hirsch Ballin op dat er soms sprake is van een valse tegenstelling. Ook dan gaat ‘het juiste midden’ niet op.

© 2008 R.G.M. Ritzen