Torfs en de persoonlijke aanval

Hoogleraar kerkelijk recht Rik Torfs kreeg onlangs de studentenvertegenwoordigers van de KU Leuven over zich heen. De studenten namen het niet dat Torfs in zijn column van donderdag 24 januari in De Standaard een studente - naar hun mening - belachelijk gemaakt had.
In die column met de titel 'Een godgeleerd meisje' had Torfs een mondeling examen beschreven. Een studente had Noorwegen genoemd als een van de buurlanden van Zwitserland.
In zijn column gaat hij verder: “Misschien schrok ik wel, want ze berispte mij alsof ik in haar niet aanwezig decolleté had gekeken: 'Dit is toch geen examen aardrijkskunde?' Ze had natuurlijk gelijk. Tijdens mijn colleges verschafte ik immers geen details over de ligging van Zwitserland. Dus kon zij onmogelijk weten dat het land niet aan Noorwegen grenst. Ook had ik verzuimd mee te delen dat de studenten zich via het pedagogische concept 'begeleide zelfstudie' over de geografie van Zwitserland dienden te buigen. Ik was schuldig. Zij slaagde voor het examen. Met onderscheiding.”
De column schoot student Thijs Smeyers in het verkeerde keelgat, zo blijkt uit zijn stuk in De Standaard (05 februari 2008) (Een godgeleerd meisje. Het antwoord). Hij kwam er “al snel achter wie deze jonge deerne was die door de professor trouwens zo treffend beschreven werd. De waarheid achter het verhaal bleek nog veel schrijnender te zijn dan de ligging van Zwitserland (de studente noemde Noorwegen als buurland van Zwitserland) ooit geweest is.”
“Waar is de integriteit van studenten op onze universiteit naartoe is”, vraagt Smeyers zich af. “Kan elke professor, zonder dat er een haan naar kraait, studenten te kijk zetten in de nationale pers? Kan het dat exameninhoud, tijdens een lopende examenperiode, zomaar te grabbel wordt gegooid? Waarden als beroepsgeheim, of minstens een deontologische code, worden hier zonder meer overboord gegooid, en ten koste van wat? Maatschappijkritiek? Wie denkt er aan het godgeleerde meisje, een hele toffe en fiere madame, die enkele dagen na het verschijnen van het artikel alweer bij een andere professor op visite mocht?”
Vervolgens merkte Smeyer fijntjes op dat uitgerekend professor Torfs die tot de professoren behoort die het minste les geeft. “Terwijl de hoofdtaak van een professor, zo menen wij toch, nog steeds bestaat uit onderwijs en onderzoek.”
De mediagenieke en welbespraakte Torfs was niet onder de indruk. In het Vlaamse televisieprogramma Phara stelde hij dat de studente kennelijk zelf opening van zaken had gegeven, want hij had haar in zijn column onherkenbaar gemaakt. Onjuist, was het weerwoord van Smeyers, die ook aan de tafel zat. In de examenlokaaltjes zit altijd een andere student die het examengesprek kan volgen. Torfs gooide het vervolgens over een andere boeg, namelijk dat de essentie van zijn stuk ging over het gebrek aan kennis onder studenten. Daar zou het gesprek over moeten gaan, aldus Torfs. Smeyers bleef echter hameren op het feit dat Torfs het examen en het voorval ten koste van de studente naar buiten had gebracht. Torfs stelde vervolgens dat studenten lange tenen hebben en niet tegen kritiek kunnen. En hij bleef erbij dat de studente het geval zelf naar buiten had gebracht.
Analyse. Smeyers stelde naar aanleiding van Torfs column een aantal vragen. Het eerste inhoudelijke tegenargument van Torfs weerlegde hij. Het examen is hoorbaar voor een andere student. Vervolgens wilde Torfs het over een ander aspect hebben, namelijk het slechte kennisniveau van studenten. Hoewel Smeyers daar in meeging, kwam hij uiteindelijk weer terug op zijn oorspronkelijke punten. Torfs pareerde met een persoonlijke aanval (studenten hebben lange tenen), maar Smeyers bleef hameren op zijn eerdere punten. Strikt argumentatief deed Smeyers wat hij moest doen, ondanks het feit dat Torfs de regels van de retoriek tot in de puntjes beheerst.
Maar Smeyers ging wel degelijk in de fout met zijn beschuldiging dat Torfs een kantjesloper is. Torfs vertekende eerst nog het standpunt van Smeyers door te stellen dat de laatste geschreven had dat Torfs het minste aantal uren onderwijs gaf. Smeyers schreef dat hij tot de groep behoorde die het minste onderwijs gaf. Torfs riposteerde met “Ik geef 11 uur les!”. De hoeveelheid gedoceerde uren is in dit verband relevant, maar de aanval miste zijn retorische uitwerking niet. Tijdens de uitzending riep het getal ‘11’ behoorlijk veel hilariteit op. Van Damme deed in zijn stuk in De Standaard (9.2.2008) nog eens uit de doeken waarom een verdediging tegen deze aanval bijna onmogelijk is. “Het is voor een universiteitsprofessor nooit prettig als hij tijdens een woordenwisseling met een snotaap als beunhaas en roddelwijf wordt afgeschilderd. Nog minder aangenaam is het als die woordenwisseling op televisie wordt uitgezonden en twijfel zaait over ’s mans geschiktheid om deel uit te maken van de academische wereld. (…) Natuurlijk heeft Rik Torfs gelijk: er kan geen mededogen gelden voor iemand die Zwitserland ter hoogte van de Noordkaap situeert en er zich vervolgens op laat voorstaan dat zij dat anonieme garnalenbrein is. Wie anoniem is, moet zwijgen. Afgezien daarvan was het jammer te merken dat en hoe Torfs zich tegen die beschuldigingen verdedigde”, aldus Van Damme. “Aantijging: de professor scoort zwak qua aantal gedoceerde lessen. Verdediging van Torfs: ‘Niet waar, want ik geef wel elf uur les per week.’ Elf! Eleven. Onze. (11) Een volledige bekentenis – ‘Ja, ik ben een gediplomeerde kladloper’ – had minder imagoschade kunnen aanrichten in de ogen van wat men in sommige kringen hardwerkend Vlaanderen noemt. (…) De goede man zat daar bij alsof hij met een acute indigestie af te rekenen had. Alle kleur was uit zijn gezicht weggetrokken. Hij was bovendien vergeten zijn haar te kammen. Derhalve maakte hij de indruk van iemand die met een sigarettenaansteker naar een gaslek op zoek was gegaan.” Elf uur is op een Nederlandse universiteit geen slechte score - ik gaf destijds wel eens minder dan drie uur college - en dat zal voor België niet anders zijn. Maar desondanks scoorde Smeyers wel met deze persoonlijke aanval. De logicus en filosoof Van Bendegem (VUB) merkte in een ander verband al eerder op dat een publieke verdediging met logische middelen had vaak aflegt tegen drogredenen. In het geval van Torfs is dat zeker waar.
Maar men mag niet vergeten dat Torfs een zeer begaafde en vooral humoristisch polemist is. Het gaat Torfs in eerste instantie niet om een wetenschappelijk betoog.

© 2008 R.G.M. Ritzen