Abdul-Rahman al-Barrak en zijn fatwa

Onlangs sprak een groep Saoedische geestelijken hun steun uit voor hun collega, sjeik Abdul-Rahman al-Barrak, die van mening was (en is) dat twee Saoedische schrijvers moeten sterven als ze geen afstand nemen van – wat hij omschreef als - ketterse artikelen (NRC, 21.3.08). Het gaat om Abdullah bin Bejad al-Otaibi en Yousouf Abu al-Khail. Beiden twijfelen aan het standpunt dat christenen en joden als ongelovigen moeten worden beschouwd. Wie zo’n standpunt verkondigt, is een afvallige, aldus sjeik Abdul-Rahman al-Barrak.
Daarom stelde hij vorige week in zijn fatwa, een islamitisch decreet, dat „iedereen die dit claimt de islam verwerpt en moet worden berecht om hem ertoe te brengen van zijn positie terug te komen. Zo niet, dan moet hij worden gedood als afvallige van de godsdienst van de islam.”
Beide schrijvers zijn overigens niet van plan hun standpunt te herzien. Khail wil Barrak zelfs gerechtelijk aanpakken.
Analyse. De vijfenzeventigjarige Sjeik Barrak, die een van de meest gezaghebbende autoriteiten van de ultraconservatieve sunnitische Saoedische wahabitische islam is, hanteert het argument van de stok (argumentum ad baculum). De discussie wordt niet beslecht met argumenten, maar met doodsbedreigingen of de dood. De schrijvers hebben namelijk de ‘keuze’ tussen het intrekken van twijfel of een prijs op hun hoofd.

© 2008 R.G.M. Ritzen