De Hond over prof. Van Maanen & Lucia de B.

Maurice de Hond stoort zich aan een stuk van Van Maanen, die zich stoort aan de ondertekeners van de advertentie van ’t Hart over de herziening van de zaak Lucia de B.. Die ondertekenaars storen zich op hun beurt aan de rechtsgang over die zaak. En één van de ondertekenaars, de wiskundige Groenenboom, stoort zich weer aan het stuk van Van Maanen. En zo stoort iedereen zich aan iedereen.
Waar stoort De Hond zich aan? Ik citeer:
“Prof. Van Maanen (hoogleraar privaatrecht en raadsheer plaatsvervanger bij het hof in Den Bosch) heeft in het Nederlandse Juristenblad op 4 januari jl. een stuk geschreven waarin hij aangeeft zich geërgerd te hebben aan de advertentie van de 850 wetenschappers over de zaak Lucia de B. De titel is ‘Een academisch volksgericht’. Zijn slotzin luidt: ‘Zij (de ondertekenaars) hebben immers niet de beschikking over de dossiers en kunnen evenmin bogen op de juridische deskundigheid om een oordeel te vellen over deze procedure. Daarmee handelen ze in strijd met de academische grondwaarden en bewijzen ze de rechtsstaat een slechte dienst. Het maatschappelijke vertrouwen in het rechtssysteem wordt zo onnodig en ongefundeerd ondermijnd.’ Terecht maakt prof. Piet Groeneboom zich boos over dit artikel van Prof. Van Maanen. Het illustreert een verschijnsel dat ik al eerder op een andere manier beschreef. Juristen zijn doorgaans slecht opgeleid in logica en methoden en technieken van onderzoek. Zodra een rechter of een lid van het OM , op basis van wat dan ook, overtuigd is van de schuld van een verdachte, dan verhuist men naar een parallelle wereld waar regels van logica en waarschijnlijkheidsberekeningen uit de normale wereld niet meer bestaan. Baron van Mϋnchhausen moet een jurist zijn geweest. Cirkelredeneringen worden toegepast alsof het niets is. Terwijl de kansberekening ons leert dat een bepaalde samenloop van gebeurtenissen een hele lage kans heeft het voor deze juristen zeker dat het toch gebeurd is, als het tenminste onderbouwt dat de verdachte schuldig is. Uit volledig tegengestelde informatie wordt alleen datgene gehaald wat gebruikt kan worden en het andere genegeerd.” Tot zover De Hond.
Analyse. De Hond geeft in zijn stuk geen enkel inhoudelijk weerwoord. Hij maakt enkel juristen verdacht: ze hebben geen kaas gegeten van logica, onderzoeksmethoden en kansberekening. En als juristen eenmaal hebben besloten dat iemand schuldig is, schromen ze niet om drogredenen te gebruiken om hun eigen vooroordelen bevestigen.
De Hond geeft geen enkel inhoudelijk argument waarom Van Maanens kritiek niet deugt. En voor de volledigheid: Van Maanen studeerde ook wijsbegeerte.
U begrijpt het al: ik stoor me aan het stuk van De Hond.

© 2008 R.G.M. Ritzen