Thieme en de persoonlijke aanval

Een paar dagen voordat Thiemes film ‘Meat the truth’ in roulatie gaat, verschijnt over deze film een kritisch rapport van onderzoekers van Wageningse universiteit. De conclusie is dat de film gebaseerd is op ‘actuele kennis’ en praktisch ‘geen grote (reken)fouten’ bevat. Maar verderop werden alle onjuistheden in de film keurig opgesomd, merkt Knip (NRC) op.
Een belangrijk kritiekpunt is de vergelijking tussen verkeer en vervoer wat hun bijdrage aan de uitstoot van broeikasgassen betreft: de bijdrage van de veehouderij is wereldwijd groter dan die van verkeer en vervoer: 18 procent versus 13 procent. Dat cijfer klopt wel, zeggen de Wageningers, maar die cijfers zijn niet representatief voor de Nederlandse situatie. Hier is de bijdrage niet 18 maar 9 procent van de nationale uitstoot.
De PvdD, de partij waarvan Thieme de fractievoorzitter is, beschouwt het rapport van de universiteit van Wageningen als een groot compliment, maar is voor de rest niet te spreken over het rapport. ‘Want die 9 procent voor de Nederlandse situatie is slechts een ontsnappingsclausule. Wij kaarten in onze film een mondiaal probleem aan. Bovendien, er is geen universiteit in de wereld met zoveel professoren in huis die worden betaald door de vlees- of zuivelindustrie’, aldus de PvdD.
Analyse. Dat de innige samenwerking tussen universiteit en bedrijfsleven soms volledig uit de hand loopt, blijkt uit de handelwijze van farmaceutisch bedrijf Merck, de fabrikant van de in 2004 van de markt gehaalde ontstekingsremmer Vioxx.
Het gezaghebbende wetenschappelijke tijdschrift Journal of the American Medical Association (JAMA) gunde ons onlangs een blik in het bedrijf Merck. Bij dit bedrijf was het tussen 1996 en 2004 gebruikelijk om een wetenschappelijk artikel door medewerkers te laten schrijven. Daarna werd er een academicus bij gezocht. De werknemers van Merck, de echte schrijvers, werden helemaal niet genoemd.
Deze zaak kwam aan het licht omdat het bedrijf zich moest verantwoorden voor de ontstekingsremmer en pijnstiller Vioxx. Sommige slikkers kregen een hartaanval van het medicijn. Merck wist dat, maar 'kleurde' de cijfers bij. Het bedrijf schikte vorig voor drie miljard euro in de rechtszaken.
De data uit het Vioxx-onderzoek werden niet alleen bijgeschaafd, maar de artikelen werden ook nog eens geschreven door spookschrijvers. De naam van academici, die aan het artikel geplakt werden, moesten het artikel een wetenschappelijk tintje geven. De academicus die zich liet gebruiken beurde 750 tot 2500 dollar en mocht weer een artikel op de publicatielijst plakken.
Hoe vaak deze praktijk in het algemeen voorkomt, is niet duidelijk. Uit een analyse uit 1998, zo meldt Hester van Santen (NRC, 17.4.08), blijkt “19 procent van de medisch-wetenschappelijke artikelen een ‘auteur’ te hebben die in werkelijkheid niet of nauwelijks had bijgedragen; 11 procent van de publicaties bleek bij navraag van de hand van een ghostwriter. Medewerkers van farmabedrijven schreven de artikelen, of lieten dat doen door gespecialiseerde tekstbureaus. Een groep medici die als getuige-deskundigen fungeerde voor patiënten, beschrijft nu in JAMA hoe boven twintig wetenschappelijke studies, alle uitgevoerd en geschreven door Merck, uiteindelijk in zestien gevallen een ‘eerste auteur’ prijkt uit de academische wereld. De eerste auteur hoort degene te zijn die het meest aan het onderzoek bijdraagt. Ook reviews, samenvattende artikelen over een vakgebied, werden regelmatig kant-en-klaar aangeleverd door Merck of hun tekstbureau.”
Nieuw zijn deze verhalen niet. Journalist Bouma (Trouw) schilderde in zijn boek ‘Slikken’ een onthutsend beeld van de frauderende farmaceutische industrie (Amsterdam 2006). Eerder schreven de antropologen Köbben en Tromp al een boek over dit soort ontsporingen (De onwelkome boodschap. Leiden 1999). Van Kolfschooten (NRC) schreef in 1993 een boek over bedrog in de wetenschap (Valse vooruitgang. Amsterdam 1993)
Weer terug naar Thieme. Maakt zij zich schuldig aan een persoonlijke aanval, omdat zij de achtergrond van de Wageningse professoren verdacht maakt? Of is het gewoon naïef te menen dat die praktijken niet in Wageningen niet voorkomen? Het punt is dat er géén enkele concrete aanwijzingen zijn dat de onderzoekers zich hebben laten fêteren. Ook al komen deze gevallen in de praktijk voor, dan kan niet automatisch gezegd dat die praktijk voor iedereen in deze sector geldt. Conclusie: Thieme (of beter: de PvdD) maakt zich schuldig aan een persoonlijke aanval.

© 2008 R.G.M. Ritzen