Zaal en de verkeerde tegenstelling

Fotobureau Hollandse Hoogte hoeft de foto van Angela de Rooij – joggend achter een kinderwagen – niet uit het fotobestand te verwijderen. De Rooij heeft een kort geding aangespannen tegen het fotobureau, want zij heeft geen toestemming gegeven voor het maken van die foto. Zij beroept zich op het portretrecht. Ten onrechte, volgens de rechtbank, omdat het om een onschuldige foto gaat die niet in een diskwalificerende context is geplaatst.
Ook stelt de rechtbank dat zij geen bekende Nederlander, model of sporter is, die haar portret commercieel kan exploiteren. ‘Het recht op privacy is niet zodanig geschonden dat het recht op openbaarmaking van de foto daarvoor moet wijken.’
Zaal, directeur van Hollandse Hoogte, is tevreden. ‘Ik wil niet flauw doen, maar het gaat hier toch om een principiële zaak, namelijk de vrijheid van meningsuiting. Als de rechter dit had toegewezen zouden bijvoorbeeld ook Marokkaanse hangjongeren zich op het portretrecht kunnen beroepen, wanneer ze in de openbare ruimte in beeld worden gebracht.’
Analyse. Zaal is tevreden met deze uitspraak. Zijn redenering is echter merkwaardig. De vergelijking met Marokkaanse hangjongeren gaat namelijk niet op. Hollandse Hoogte mag de foto van De Rooij in de databank laten zitten, omdat het om een onschuldige foto gaat. Een foto met ‘Marokkaanse hangjongeren’ heeft echter een negatieve connotatie. Sterker nog, ook na dit vonnis zal de rechter een beroep op het portretrecht van een Marokkaanse hangjongere honoreren. (Vergelijk het arrest over de Revue-foto. Er was weliswaar sprake van een onschuldige foto, maar door het onderschrift was er wel degelijk sprake van een schending van het privacyrecht.)

© 2008 R.G.M. Ritzen