De Gucht, Mouraux en de persoonlijke aanval

“Ze hebben het nog altijd niet begrepen”, meent Karel de Gucht (Open VLD). En ‘ze’ zijn dan de Walen in het algemeen en Phillipe Mouraux in het bijzonder. Die laatste is namens de PS onderhandelaar over de loodzware BHV-kwestie.
Wat ‘ze’ niet begrepen hebben, is wat minder eenvoudig. BHV is een kiesarrondissement waar Franstaligen in Vlaamse gemeenten, anders dan in de andere ‘Vlaamse’ arrondissementen, toch op Franstalige kopstukken kunnen stemmen. Dit is tegen het zere been van de Vlamingen. De laatsten willen daarom de randgemeenten losmaken van het Brusselse kiesdistrict, maar dat is voor de Waalse partijen volstrekt onaanvaardbaar.
Deze situatie is volgens het Arbitragehof echter ongrondwettelijk. De federale Kamer en regering moet daar 'iets' aan doen, maar dat ‘iets’ blijkt al jarenlang buitengewoon moeilijk. Dat blijkt alleen al uit het feit dat het dossier 'BHV' al veertig jaar bestaat. De Franstalige partijen weigeren al decennia zich uit te spreken over de splitsing van BHV of ze eisen compensatie, zoals uitbreiding van het Brussels Gewest met enkele Vlaamse gemeenten.
Omdat de Franstaligen die in de 'Vlaamse Rand' wonen op de Franstalige politici stemmen, willen ze geen Nederlands leren. “Ze vestigen zich hier comme chez soi. Dat beïnvloedt onze Vlaamse eigenheid, het verenigingsleven en het landelijke karakter”, klagen sommigen Vlamingen. In sommigen plaatsen valt de situatie nog wel mee. In Gooik wonen bijvoorbeeld amper 3 procent Franstaligen, maar in plaatsen als Overijse en Zaventem is 35 tot 40 procent van de inwoners Franstalig. Die vinden het op hun beurt logisch dat ze nauwelijks Nederlands spreken. De scheiding met Vlaanderen is immers kunstmatig. ‘Je m'en fous’ lijkt het adagium.
Die houding voedt vervolgens weer de onvrede van de Vlaamse politici, die niet laten om er op te wijzen dat de huidige situatie de 'verfransing' van de gemeenten rond Brussel bevordert. Daarom willen ze 'BHV' splitsen en willen ze de Vlaamse gemeenten losmaken van het Brusselse kiesdistrict.
Bijkomend probleem is dat de politici van Waalse zijde onder geen enkele voorwaarde willen meewerken aan de wijziging van de bestaande status quo. Feitelijk gijzelen de Waalse partijen zichzelf. Door de rivaliteit tussen de PS en de MR lijkt een compromis van Waalse zijde vooralsnog onmogelijk. Om het moment dat één van die twee Waalse partijen haar poot minder stijf houdt, levert dat electorale winst voor de andere partij op.
Terug naar Mouraux (PS). In Le Soir vatte hij de BHV-kwestie samen met de vraag waarom de Vlamingen zo gehecht zijn aan een stuk grond waar amper Nederlands gepraat wordt.
Analyse. Dat levert de vraag op of de Walen met hun ‘corridor-obsessie’ het echt niet begrepen hebben (zoals de Gucht meent) of dat De Gucht en de zijnen zich druk maken over een stuk grond waar amper Nederlands gepraat wordt (en dus eigenlijk om niets, zoals Mouraux meent).
Feitelijk maakt één van de twee of beide politici zich schuldig aan een persoonlijke aanval. De Gucht, door te spreken van een obsessie van Waalse zijde of Mouraux door te stellen dat de Vlamingen zich bezighouden met een non-issue.
Feit blijft dat het Arbitragehof heeft vastgesteld dat de situatie rondom BHV in strijd is met de Grondwet en op basis van dat gegeven kan men niet stellen dat het in deze discussie enkel om een lapje grond gaat, zoals Mouraux het doet voorkomen.

© 2008 R.G.M. Ritzen