Leistra over coffeeshops

Op 19 maart van dit jaar werd de Haarlemse coffeeshops Maximillian door de burgemeester gesloten, omdat er ruim 75 kilo softdrugs was aangetroffen. De rechter vernietigde dit besluit. Een schande, volgens Leistra (Elsevier, 18.12.08).
Analyse. “De exploitant van Maximillian maakte van meet af aan bezwaar tegen de gang van zaken en stapte naar de rechter. Volgens hem bedroeg de voorraad niet 75 kilo, maar tussen de 38 en 42 kilo. Dat is nog altijd minimaal 76 keer de gedoogde hoeveelheid. Mij lijkt een jaar sluiting daarom nog mild. Definitief de planken voor de ramen is een betere straf.” In de verordening van de gemeente staat dat een coffeeshop waar rond de 40 kilo gevonden wordt, 9 maanden gesloten wordt. Kortom, een regel van de gemeente zelf.
“De intensieve controle niet was aangekondigd bij de coffeeshops. Pardon? Moet de politie ze een week vantevoren bellen ofzo? Iedere exploitant van een coffeeshop kent toch de regels! Wie wordt betrapt, is de sigaar.”, briest Leistra. Maar het ging helemaal niet om het aankondigen van de controle, maar de aankondiging van de wijziging in het beleid.
Leistra wijst ook op de vermeende rechtsongelijkheid ten opzichte van de andere exploitanten in Haarlem door de rechtbank. “De veertien overige coffeeshops kregen die 19e maart geen controleurs over de vloer. Die hebben gelukt gehad, zou ik zeggen. Ook zij komen nog aan de beurt. Maar daardoor gaan die twee niet vrijuit!”
De rechtbank overwoog echter het volgende: 2.17 De voorzieningenrechter acht voorts de volgende omstandigheden van belang. Zoals hiervoor is overwogen is het handhavingsbeleid aangescherpt in die zin dat coffeeshops strikter en steekproefsgewijs op hun voorraad worden gecontroleerd. Niet gebleken is dat deze aanscherping vooraf voldoende duidelijk is gemaakt aan de exploitanten van coffeeshops. Dit geldt eveneens ten aanzien van de gedragslijn om gradaties in sluitingsduur aan te brengen afhankelijk van de hoeveelheid handelsvoorraad. Eiser kan derhalve niet geacht worden voldoende op de hoogte te zijn geweest van de striktere handhaving van het gedoogbeleid. Bovendien is - ter zitting - gebleken dat eisers coffeeshop, samen met ‘Willie Wortel Sativa’, de eersten waren, die op grond van het aangescherpte handhavingsbeleid gecontroleerd zijn. Dit plaatst eiser in een nadeliger positie dan de exploitanten van de overige onder het ‘Beleid Coffeeshops’ vallende coffeeshops, die nog niet met een controle zijn geconfronteerd en waarop deze zich thans kunnen voorbereiden. Overigens is ter zitting niet duidelijk geworden wanneer deze controles zullen gaan plaatsvinden. In zoverre kan een beroep op het rechtszekerheids- en het gelijkheidsbeginsel niet zonder meer als ongegrond worden afgedaan. In elk geval dienen deze omstandigheden betrokken te worden in de afweging van de bij het (handhavings)besluit betrokken belangen. Voorts wordt van belang geacht dat in eisers coffeeshop geen sprake is geweest van overtreding van de voorwaarden van het gedoogbeleid dat de (soft)drugs niet aan minderjarigen worden verkocht, dat niet meer dan 5 gram per persoon per dag wordt verstrekt en dat er geen overlast voor de buurt mag zijn.2.18 Al het voorgaande leidt tot het oordeel dat niet kan worden gezegd dat verweerder bij de afweging van de belangen in redelijkheid heeft kunnen komen tot het besluit om eisers coffeeshop voor de duur van 12 maanden te sluiten.”
Kortom, er sprake van een wijziging van het (gedoog)beleid en volgens de rechter dien je daarover ook te communiceren. Er is sprake van een marginale toetsing van beleid en het bestuur dient over de wijzigig toch wat transparanter te zijn dan nu het geval is.

© 2008 R.G.M. Ritzen