Wilders en de hypocrisie (20/2)

‘Laf’, ‘slap’, ‘de grootste lafaard van Europa’, ‘gebrek aan ballen’ en ‘hypocrisie’. Dat waren de kwalificaties die te horen vielen in het kamerdebat over de Britse weigering om Wilders (PVV) toe te laten in Engeland. De eerste vier kwamen, niet geheel onverwacht, uit de mond van Wilders zelf. De laatste, hypocrisie, niet. Die kwam voor rekening van Agnes Kant (SP).
Wat was er aan de hand? Wilders beweerde dat hij alleen mensen de toegang tot het land wil weigeren die oproepen tot geweld. “En dat doe ik zelf niet”, aldus de PVV-leider. Kant wees vervolgens op enkele uitspraken van Wilders waaruit blijkt dat hij mensen op grond van hun geloof wil weigeren. “Geen islamieten meer Nederland in” was er zo een. “Wilders schreeuwt moord en brand over een praktijk die hij zelf wenst in te voeren”, aldus Kant.
Het weerwoord van Wilders was verrassend. Hij beet Kant toe dat haar argumenten er niet sterker op worden, als ze er “zuurder bij kijkt”. Veel verder dan dat kwam hij inhoudelijk niet.
Analyse. In elk geval is er sprake van een contradictie van de kant van Wilders. Terecht wijst Kant erop dat Wilders een praktijk bekritiseert die hij feitelijk zelf ook voorstaat. Het verschil is alleen dat in het ene geval Wilders ‘last’ heeft van die praktijk en in het andere alleen islamieten last hebben van de praktijk. Alleen in dat geval is die praktijk in de ogen van Wilders toelaatbaar.