Volksrechter Paradijs over de rechters in de zaak-Baran (25/9)

De derde volksrechter in de zaak-Baran is Sjuul Paradijs, hoofdredacteur van de Telegraaf. In Pauw & Witteman (17.9.09) zette hij eerst advocate en senator Böhler op haar nummer: u leeft op een andere planeet. Böhler vond dat je eerst de feiten moet kennen, wil je ergens over kunnen oordelen. Paradijs had daar geen boodschap aan. De feiten waren duidelijk, althans voor hem: er loopt een monster vrij rond; zes rechters hebben hem verlof gegeven; Böhler vergat de rol van de slachtoffers; Nederland reageerde geshockt over de zaak en de zaak was volstrekt duidelijk.
Conclusie: de rechters waren dus fout.
Böhler wees erop dat hij het dossier niet kende.
Analyse. Paradijs moest het vooral hebben van persoonlijke aanvallen, aangedikt met een dikke saus van retoriek. Böhler leefde op een andere planeet en de rechters stonden niet met beide benen op de grond.
Verder ontdook Paradijs de bewijslast: de zaak was volstrekt duidelijk. Het punt van Böhler was nu juist dat niemand – op dat moment – alle relevante feiten kende.
De rol van de slachtoffers, die Böhler kennelijk zou vergeten, was helemaal niet aan de orde. Böhler stelde enkel dat je feiten moet kennen, wil je ergens een gefundeerd oordeel over kunnen geven.
Ook hier weer een mooi staaltje van retoriek. Net als Etty benadrukte hij dat je voorzichtig moet zijn met de kritiek op rechters, maar in dit geval.... Feitelijk is er sprake van een tegenspraak, maar door deze verpakking benadrukt Paradijs nog eens extra dat deze situatie - in zijn ogen - uitermate bizar is. Zijn kritiek zou minder sterk 'klinken' als hij van mening was dat de rechterlijke macht sowieso uit een stel klunzen bestaat.
(Inmiddels, 25 september, is er wat meer duidelijkheid over de zaak en zoals was te verwachten, is de zaak dus aanzienlijker complexer dan men op 17 september kon vermoeden.)