Berlusconi en de persoonlijke aanval (9/10)

EUR, Rome

De Italiaanse premier Silvio Berlusconi is woedend. Hij is niet langer onschendbaar, want het Constitutionele Hof heeft de ‘Wet Alfano’ afgewezen. De wet is in strijd met de Grondwet. Met deze immuniteitswet zorgde Alfano, minister van Justitie, ervoor dat Berlusconi niet kan worden vervolgd zolang hij premier is. Handig, want tegen de tijd dat hij geen premier meer is, zijn de rechtzaken tegen hem verjaard. Maar met deze wet wordt volgens het Hof het principe van gelijkheid geschonden. Feitelijk is een grondwetswijziging vereist, maar dat is niet gebeurd. De immuniteit van Berlusconi werd met een gewone wet veiliggesteld.
“Het Hof is gepolitiseerd. Het is een instrument in handen van links”, zo reageerde Berlusconi.
Nu zijn immuniteit is opgeheven, zal Berlusconi zich moeten verantwoorden in – minimaal - twee rechtszaken. De ene zaak betreft de vermeende omkopen van de getuige David Mills, de Britse advocaat en voormalig adviseur van Berlusconi. Hij werd veroordeeld tot 4,5 jaar gevangenisstraf, omdat hij - voor 600.000 dollar - meineed pleegde in een rechtszaak, waardoor Berlusconi vrijuit kon gaan. Daarnaast loopt er nog een zaak over belastingontduiking en boekhoudkundige fraude.
Berlusconi’s partijgenoot en advocaat Niccolò Ghedini meent dat de uitspraak van het Hof “tegen de volkswil ingaat”. Umberto Bossi (Lega Nord) waarschuwde het Hof: „Je mag de woede van de volkeren niet aanwakkeren.” Zijn bondgenoot (en eigenlijk ook wel concurrent) Fini stelde wel dat Berlusconi respect moet tonen voor het Constitutionele Hof.
Analyse. Met een “het Hof is gepolitiseerd; het is een instrument in handen van links” hoeft Berlusconi – in zijn ogen dan – niet meer inhoudelijk te reageren op het commentaar van het Hof. Over schending van het gelijkheidsbeginsel en het omzeilen van de vereiste grondwetwijziging hoor je Berlusconi niet. Inmiddels heeft hij de aandacht afgeleid door een uitspraak over Bindi (waarover morgen meer).