Kluveld en de persoonlijke aanval (18/10)

Alhambra, Granada (Spanje)

Kluveld heeft niet veel op met alles wat maar enigszins naar Islam ruikt. Onlangs spuwde ze haar kritische gal op de onderzoekers Mogahed en Esposito (Vk, 17/10). Ze plaatste vraagtekens bij de wijze waarop de twee ‘radicale moslims’ in hun onderzoek hadden gedefinieërd. “Op basis van de antwoorden concluderen de auteurs dat moslims net zo zijn als wij: democratisch en gericht op een goede toekomst voor hun kinderen. Het overgrote deel is gematigd en slechts 7 procent van de 1,3 miljard moslims is radicaal of zoals Mogahed en Esposito het liever uitdrukken, ‘politiek geradicaliseerd’. Dat gaat overigens nog altijd om 91 miljoen moslims.”
Kluveld zet vraagtekens bij deze conclusie en het onderzoek waar die uit voortkomt. “Zo is de definitie van ‘radicale moslim’ in de loop van het onderzoek bijgesteld. De auteurs geven dit zelf toe. Het kwam de onderzoekers beter uit om het percentage radicale moslims laag te houden. Of iemand een radicale moslim is, leidde men af uit het antwoord op de vraag of men de aanvallen van 9/11 gerechtvaardigd vond. Het was mogelijk antwoorden te geven door te kiezen uit de cijfers 1 tot en met 5. Wanneer je 5 antwoordt, geef je aan dat je die aanvallen volledig gerechtvaardigd acht.”
“Aanvankelijk wilden Mogahed en Esposito iedereen die deze vraag met 4 (9/11 was grotendeels terecht) of 5 (9/11 was geheel terecht) beantwoordde tot de radicale moslims rekenen. Zij zijn daar dus uiteindelijk vanaf gestapt.”

Tot zover is er, strikt argumentatief, niets mis met de kritiek van Kluveld. Maar dan volgt de omslag in het betoog. Kluveld gaat namelijk verder met het verdachtmaken van de achtergrond van de auteurs.
“Het percentage van 13,5 procent radicale moslims in de wereld en het absolute aantal moslims dat daarmee correspondeert, vonden zij toch wat te schokkend. Moslims die 9/11 grotendeels terecht vonden, werden daarom verder neergezet als gematigd, ongeacht hun antwoorden op andere vragen.” De onderzoekers hebben hun onderzoek aangepast vanwege de conclusies; de onderzoekers zijn vooringenomen (en geven dat kennelijk ook toe, als we Kluveld mogen geloven.)
“Dalia Mogahed is onderzoeker en directeur van het Gallup Centre for Muslim Studies dat gebruik maakt van de data die wereldwijd verzameld worden door Gallup. John Esposito is directeur van het Prince Alwaleed Center for Muslim-Christian Understanding dat verbonden is aan de Universiteit van Georgetown. Het instituut beoogt begrip te bevorderen tussen christenen en moslims en is genoemd naar haar financier, de Saoedische prins Alwaleed bin Talal.” Kluveld vermeldt niet dat Esposito ook als hoogleraar verbonden is aan de Universiteit van Georgetown, maar suggereert hiermee dat Esposito financieel afhankelijk is van de Saoedische geldschieter.
Vervolgens wijst Kluveld erop dat Esposito als Mogahed zijn bewonderaars van de Turkse moslimprediker Fethuhllah Gülen én dat die laatste vroeger verkondigde dat voor het tot stand brengen van een islamitische samenleving (in plaats van de democratische Turkse samenleving) elke methode of weg gerechtvaardigd en acceptabel is, inclusief liegen. Nadat hij in 1998 Turkije ontvluchtte omdat hij vervolgd dreigde te worden voor antiseculiere activiteiten, vestigde hij zich in de VS. Daar verkondigde “hij vrij plotseling een meer progressieve boodschap van interreligieuze dialoog uitdroeg via de talrijke scholen, media en instituten die door de Gülenbeweging zijn opgericht en gefinancierd worden.” De opvattingen van Gülen sluiten volgens Kluveld goed aan bij de doelstellingen van het Prince Alwaleed Center for Muslim-Christian Understanding en daarmee is voor Kluveld kennelijk een link gelegd.
Deze argumentatie bestaat feitelijk louter uit insinuaties. Esposito is financieel afhankelijk van een Arabische geldschieter en bewonderde een figuur die vroeger een foute activist was. Maar aangezien die in de ogen van Kluveld “plotseling” een ander gedachtegoed aanhangt, hangt daar ook weer een luchtje aan. Daaruit moeten we afleiden dat de opvatting van Esposito dus ook evenmin deugt.

Vergelijk dit met de boekbespreking van Henk Müller in Cicero over hetzelfde onderzoek (VK, 17.10.08):
“Een groter nadeel van dit boek is dat je zelf niets kunt controleren. We moeten het allemaal maar op gezag aannemen. Een ander twijfelachtig punt is dat de onderzoekers wel erg makkelijk vaststellen dat alleen die moslims die zich achter de aanslagen op de Twin Towers scharen de extremisten vormen. Want ze werken met een schaal van één tot vijf, waarbij moslims in schaal één de aanslagen afwijzen, maar die van vier de aanslagen grotendeels toejuichen. Volgens Mogahed zijn dat nog eens 7 procent van de 1.3 miljard moslims, dus de groep verdubbelt tot meer dan 180 miljoen. En dan zijn er nog de ruim 23 procent moslims die de aanslagen 'in sommige opzichten' gerechtvaardigd achten.”
Müller heeft geen verdachtmaking nodig en zijn kritiek blijft zakelijk.