Het gelijk van André Köbben (11/7)

André Köbben, emeritus hoogleraar antropologie*, wees onlangs op het volgende feit: “Eenieder die het ongeluk heeft in een min of meer belangrijke functie binnen ons staatsbestel terecht te komen, wordt daarmee vogelvrij en loopt de kans het mikpunt te worden van loze verdachtmakingen en smaad. Ik heb geruime tijd krantenknipsels verzameld die daarvan getuigen. Daarmee ben ik gestopt, want het werd dagwerk.” (NRC, 9.7.09)
Hij geeft daarom één recent, maar illustratief voorbeeld. “In haar column van 26 juni komt mevrouw Mees te spreken over de minister van Financiën. Die beweert, zegt ze, de absurd hoge beloningen van bankiers te verafschuwen, maar hij doet daar niks tegen. Dat zal wel komen omdat hij het eigenlijk helemaal niet erg vindt. Ter staving plaatst ze daarbij de volgende giftige uitspraken: ‘Zou zijn eigen hebzucht hem hierbij in de weg zitten? Hoopt hij dat hem aan het einde van zijn politieke loopbaan (dat inmiddels wel in zicht is) zelf een goudgerande toekomst in de financiële wereld wacht?’ Die zinnen staan halverwege haar stukje, en daar, kun je zeggen, zijn het nog maar veronderstellingen. Maar enkele regels verder, aan het einde van haar betoog, zijn die al werkelijkheid geworden. Want, zo is haar slotsom: ‘Geen wonder dat het graaien niet ophoudt.’ ”
Analyse. Hier valt niets tegen in te brengen. André Köbben slaat de spijker op de kop. Hij illustreert zijn stelling met een kritiek op Mees, die ik deel (zie hier, m.n. punt 10 en 11). Op deze site en elders zijn inderdaad veel voorbeelden te vinden van de persoonlijke aanval. Laat ik me beperken tot de categorie 'de persoonlijke aanvallen van hoogleraren op politici'. Op Rtl.z diskwalificeert Arnold Heertje regelmatig menig politicus zonder nadere inhoudelijke argumentatie. Afshin Ellian doet hetzelfde in Elsevier (“dit kabinet bestaat uit fanatici en egoïsten”). En wat te denken van Etty: CU-politici zijn “geen rationele politici, het zijn fanaten, fundamentalisten en tirannen”)?
Zelfs qua toon gematigde columnisten deinzen er (gelukkig slechts) incidenteel niet voor terug om het kabinet te diskwalificeren als ‘borderliners’ (Tonkens) of politici weg te zetten als lieden met een totaal gebrek aan betrokkenheid en verantwoordelijkheidsgevoel (Fresco). Die kwalificaties vervangen in beide gevallen het inhoudelijke argument.
Köbben was én is in zijn maatschappelijk engagement ook altijd buitengewoon kritisch, zoals onder meer blijkt uit het boek 'De onwelkome boodschap' (1999), maar dan ging en gaat het altijd om de inhoud en nooit om de man.
Ik vrees echter dat Köbben met zijn terechte kritiek een roepende in de woestijn is.

*) Dat staat overigens niet onder zijn ingezonden stuk, maar ik heb dit punt geverifieerd.

Bovenberg en de valse profeten (10/7)

“Pas op voor de valse profeten”, waarschuwde het trio Bovenberg, Ester en Westerlaken (Trouw 9.7.09). Ze hadden met name Harrie Verbon, Bovenbergs collega-hoogleraar in Tilburg, op het oog. Ze waren boos: “onverantwoord” en “domme beweringen”. Verbon beweerde eerder in Trouw dat de AOW-leeftijd niet omhoog moet.
“Verbon heeft een balk voor zijn ogen als hij in zijn bijdrage Donner verwijt een rammelend verhaal te vertellen over de AOW. Want zijn eigen verhaal rammelt aan alle kanten”
Analyse. Een klassieke ‘pot-verwijt-de-ketel-dat-hij-zwart-ziet’-argument. Zelfs al zou het verhaal van Verbon van a tot z rammelen, dan nog kan het zo zijn dat het verhaal van Donner van alle kanten rammelt.

Ellian en de toon van het debat (9/7)

Niet alleen inlichtingendiensten zoals de AIVD, maar ook politici en opiniemakers waarschuwen voor de toon van het integratiedebat. Zij menen dat door het scherpe debat over de islam veel moslims zullen gaan radicaliseren. Ellian is het daar niet mee eens (Elsevier, 8.7.09). Want het parlementair en publiek debat is het hart van de democratie en zonder dat debat bestaat er geen democratie. “Dus, de radicale moslims radicaliseren omdat ze de democratie haten. Moet dan de democratie zich aanpassen aan de haters van de democratie? Het concept nationale veiligheid in een democratisch bestel betekent juist de bescherming van de democratie tegen de vijanden van de democratie. Wie de nationale veiligheid wil garanderen door de opheffing of beperking van democratische debatten en meningsverschillen, heft in feite onze maatschappijvorm op. Dan zijn we pas echt in gevaar.”
Analyse. Impliceert een pleidooi voor het matigen van de toon dat het debat dan maar niet gevoerd moet worden? Ellian vooronderstelt dit, maar maakt die vooronderstelling nergens aannemelijk. Een parlementair en publiek debat kan ook gevoerd zonder de felle toon.
In 'Hitler in de polder & Vrij van God' hekelt Zwagerman de neiging van de (linkse) intellectuelen om politieke tegenstanders meteen met Adolf Hitler te vergelijken zonder het debat inhoudelijk te voeren. Voorbeelden genoeg. Publicist Hugo Brandt Corstius koppelde ooit minister van Financiën Onno Ruding aan de architect van de 'Endlösung', Adolf Eichmann. Bolkestein werd afgeschilderd als de Nederlandse rechtse extremist Le Pen; Scheffer bevond zich in het gezelschap van de Oostenrijker Haider; en Fortuyn en Mussolini waren twee handen op één buik: allebei idioot, verwerpelijk en grievend. En waarom is het publieke debat erbij gebaat als Geert Wilders wordt weggezet als een moderne Hitler? En je kunt natuurlijk ook kritiek hebben op de islam zonder moslims weg te zetten als 'geitenneukers'.

Wim van den Camp en referenda (8/7)

Wim van de Camp wees er tijdens de verkiezingen op dat de jurering van het Eurovisie Songfestival in de toekomst anders moet worden. Het CDA is tegen referenda, en dus ook tegen stemmende burgers bij het Songfestival.
Het lijkt me dat een politiek referendum over bijvoorbeeld de Europese Grondwet toch van een andere orde is als een stem op een Songfestivalliedje.

Maalsté en de vertekening (7/7)

Dat het gedoogbeleid cannabis fout zou lopen, was voorspeld, meent Nicole Maalsté (Trouw, 6.7.09). Zij is als onderzoekster verbonden aan de Universiteit van Tilburg. “Eigenlijk had toenmalige minister Van Agt al moeten kiezen voor legalisering van wiet.” Maar het werd gedogen.
De commissie-Van de Donk adviseerde onlangs over het drugsbeleid Hoewel de coffeeshop een doorgaans rustige en veilige voorziening voor volwassen cannabisconsumenten is, blijkt het coffeeshopbeleid aan revisie toe te zijn. Ze moeten meer gesloten en kleinschaliger worden, met name om de toestroom van jeugdigen en toeristen aan de voordeur in te perken en om de verwevenheid met de georganiseerde criminaliteit tegen te gaan.
De commissie-Van de Donk concludeert in haar advies over het drugsbeleid dat de laatste 15 jaar sprake is geweest van beleidsverwaarlozing.
Maar dat is nooit anders geweest, stelt Maalsté. Vanaf 1976 er is al sprake van beleidsverwaarlozing. “De toenmalige minister van justitie, Van Agt, had cannabis indertijd eigenlijk willen legaliseren, maar door politieke druk vanuit het buitenland heeft hij van lieverlee gekozen voor gedogen. Het had een opmaat moeten zijn naar legalisering. Maar dat is er nooit van gekomen. Gedogen was noodzakelijk omdat een echt beleid niet mogelijk was. Daar begon de beleidsverwaarlozing dus eigenlijk al.”
Datzelfde geldt ook voor de coffeeshops. Die zijn ontstaan in de luwte van het gedogen. Van Agt wilde enkel een gedoogde verkoop van cannabis door huisdealers in jongerencentra. “In die situatie ontstond via een omweg de coffeeshop. Je kunt dus niet stellen dat coffeeshops een vorm hebben gekregen die nooit was bedoeld. Er is stomweg nooit bepaald hoe zo’n cannabisverkooppunt eruit zou moeten zien. Pas nadat er zo’n 1500 coffeeshops waren, zijn de huisregels die sommige coffeeshops zelf al hanteerden in 1991 overgenomen als landelijke richtlijnen voor coffeeshops. Geen schoolvoorbeeld van goed doordacht beleid.”
Ook op andere terreinen was er sprake van beleidsverwaarlozing. Bijvoorbeeld ten aanzien van de inmenging van criminele organisaties
De commissie pleit voor maatregelen als meer controle op de aanvoer van cannabis, pasjessystemen en maximum gebruikershoeveelheden. Maar, zo waarschuwt Maalsté, het is allemaal al een keer voorgesteld. “De commissie van de Donk komt met allerlei maatregelen die in feite wéér om de hete brij heen draaien. Er moet volgens mij een duidelijke keuze worden gemaakt tussen legaliseren of verbieden. Dit advies nodigt uit tot een nieuwe periode van beleidsverwaarlozing. Zolang er geen duidelijke keuzes worden gemaakt blijft het voor allerlei lieden interessant om individuen te bevoorraden die buiten de gedoogregels vallen, zoals minderjarigen en buitenlanders. De term beleidsverwaarlozing suggereert dat er ooit wel sprake is geweest van doordacht beleid. De geschiedenis laat zien dat dit niet zo is. Het wordt hoog tijd dat de overheid eindelijk beleid gaat maken en de voordelen van dat beleid ook wereldwijd gaat uitdragen.”
Analyse. Maalsté verwijt de commissie-Van de Donk dat deze geen duidelijke keuze maakt tussen legaliseren en verbieden. Zij vertekent het standpunt van de commissie omdat deze wel degelijk een keuze maakt: ‘legaliseren’ wordt verworpen. Legalisering is in strijd met Europese verdragen, stelde Van de Donk in de Volkskrant (2.7.09).
Bovendien kan de vraag worden gesteld waarom het dilemma louter in de zin van ‘legaliseren of verbieden’ beschreven moet worden. Het is, lijkt me, een ‘false dilemma’. Tussen ‘legaliseren’ en ‘verbieden’ zitten alternatieven. Eén alternatief is het gedogen en vervolgens wegkijken. Dat leidt volgens de commissie tot beleidsverwaarlozing. Een ander alternatief is dat de georganiseerde misdaad moet worden aangepakt door de georganiseerde overheid. Daar opteert de commissie voor. Het gaat erom dat de uitwassen van het gedoogbeleid worden bestreden, want die knagen niet alleen aan de integriteit van de rechtsstaat, maar ook aan de gezondheid van jongeren.
“Zolang er geen duidelijke keuzes worden gemaakt blijft het voor allerlei lieden interessant om individuen te bevoorraden die buiten de gedoogregels vallen, zoals minderjarigen en buitenlanders”, meent Maalsté. Er moet dus een duidelijke keuze tussen verbieden en legaliseren worden gemaakt, maar met een keuze voor ‘verbieden’ blijft het voor allerlei lieden interessant om ieder individuen te bevoorraden. Wat is dan de keuze?

De vertroebelde blik van de PVV (6/7)

“Blik op de werkelijkheid lijkt vertroebeld bij PVV”, mocht Offermanns, voorzitter van de VVD Limburg, in het NRC uitleggen (NRC, 2.7.09). Offermanns reageerde op het optreden van PVV-Kamerlid Van Dijck tijdens het debat over de Voorjaarsnota. “Hij verviel in verwijten, wist nauwelijks waar het echt over ging en probeerde vragen te ontwijken”, aldus Offermanns. “Permanent verval in clichés, dat was het enige wat uit zijn mond viel te vernemen. Een bijdrage over hoe problemen dan wel moeten worden opgelost? Niets van dit alles. Niveau borreltafel.”
Analyse. Ricardo Offermanns, die ook nog burgemeester van Meerssen is, heeft dus weinig op met zijn voormalig partijgenoot Geert Wilders. Met diskwalificaties als ‘niveau borrelpraat’ en ‘praten in clichés’ werd niet alleen Van Dijck, maar de hele PVV weggezet als een onvolwassen partij. Maar welke inhoudelijke kritiek had Offermanns nu nog meer behalve deze persoonlijke aanval op Van Dijck? Feitelijk niets. Als het echt zo bar was gesteld met het optreden van Van Dijck, dan had Offermans zijn punt kunnen maken door enkele concrete voorbeelden te geven. Dat deed hij niet en beperkte zich tot de persoonlijke aanval.

Zoektermen voor deze site (5/7)

De volgende zoektermen brachten surfers waarschijnlijk tot hun verbazing naar deze webstek: ‘heleen mees pijpen’, ‘sex tube’, ‘zelfbevredigings manieren’, ‘31 jarige marokkaanse plomp naakt’, ‘opgewonden verhalen’ ‘intimiteitsproblemen’ en ‘bestialiteit porno tube’
De speurtocht naar de ‘geile groningse’ eindigde op deze site.
Ook is er kennelijk een nieuwe drogreden: de ‘doe het zelf hellend vlak’
Echt belangrijke vragen worden schijnbaar ook op deze site behandeld: ‘hoe heten de kinderen van ruud gullit’. De zoektermen ‘negatieve connotatie beenhouwerij’ kon ik wel plaatsen: daarover had de echtgenote van Belgische politicus Herman de Croo ooit iets opvallends gezegd.
‘Symptomen gekrenkte narcist’? Geen idee wat drogredenen.nl daar mee te maken heeft.
Wie ‘luie vrouwen’ zoekt komt uit op deze stek. Wie te lui is om een spatie toe te voegen komt men ‘luievrouwen’ ook hier terecht.
En voor de stelling ‘pvda allemaal zakkenvullers’ levert deze site kennelijk ook al munitie.
Google wees deze site aan voor het antwoord op de volgende vraag: ‘is het mogelijk om een handtekening papier naar turkij te sturen voor nikah’.

Sent en het causale verband (4/7)

Veel topvrouwen haken af bij ING en dat is volgens prof. Sent (Radboud Universiteit) een jammerlijk gemiste kans (Vk, 30.07.09).
Uit onderzoek blijkt “dat keiharde bedrijfseconomische indicatoren beter uitvallen met vrouwen aan de top. Zo heeft onderzoek van het Amerikaanse Catalyst laten zien dat Fortune 500-bedrijven met relatief meer vrouwen in de raden van bestuur het over een periode van vier jaar maar liefst grofweg 50 procent beter doen dan ondernemingen met relatief minder vrouwen in de raden van bestuur.” Uit onderzoek van de Erasmus Universiteit blijkt dat bedrijven met een vrouw in het bestuur gemiddeld 23,3 procent rendement op het eigen vermogen behalen, tegen 13,7 procent bij ondernemingen met alleen mannen in de top.”
Analyse. Als er meer vrouwen aan de top staan, dan gaat het beter met het bedrijf. Maar de relatie tussen kwaliteit en vrouwen aan de top is niet zo eenduidig als het in eerste instantie lijkt. Voor een causaal verband is meer nodig dan het eenvoudig naast elkaar plaatsen van twee variabelen. Er kan een derde factor in het spel zijn, die er toe leidt dat het bedrijf het beter doet én dat er meer vrouwen in de top terechtkomen.

Hofland en de handige vertekening van een standpunt (3/7)

“Gelukkig staat in de Tribune van gisteren een column van Paul Krugman waarin hij de ontkenners van de klimaatverandering de oorlog verklaart”, schrijft Henk Hofland (NRC, 1.7.09) “ ‘Verraders van de planeet’ noemt hij het gezelschap. Hij citeert een afgevaardigde, Paul Broun uit Georgia. „Die de hele theorie van de opwarming is niets anders dan een vorm van bedrog, gelanceerd door de wetenschappelijke wereld”, zei Broun. De jongste resultaten van het klimatologisch onderzoek zijn opnieuw pessimistischer. De planeet verandert nog sneller, de poolkappen smelten, onderzoekers van het MIT houden er nu rekening mee dat tegen het einde van de eeuw de temperatuur niet met 4, maar met 9 graden Celsius zal zijn gestegen. Ontkenning van de resultaten van dit wetenschappelijk onderzoek is onverantwoordelijk, immoreel, schrijft Krugman."
Analyse. Maar wat schreef Krugman, nobelprijswinnaar voor de economie, nu echt in de International Harold Tribune? Anders dan Hofland beweert, heeft Krugman het niet over de ontkenners in het algemeen, maar slechts over de 212 leden van het Huis van Afgevaardigden die tegen ‘Waxman-Markey climate-change bill’ gestemd hebben: “212 representatives voted no. A handful of these no votes came from representatives who considered the bill too weak, but most rejected the bill because they rejected the whole notion that we have to do something about greenhouse gases. And as I watched the deniers make their arguments, I couldn’t help thinking that I was watching a form of treason — treason against the planet.”
Uit onderzoek, onder meer uitgevoerd door het M.I.T., blijkt dat het milieu er nog slechter aan toe is dan tot nu toe werd vermoed. Maar Krugman erkent dat zelfs gezaghebbende analyses kunnen falen. “Well, sometimes even the most authoritative analyses get things wrong. And if dissenting opinion-makers and politicians based their dissent on hard work and hard thinking — if they had carefully studied the issue, consulted with experts and concluded that the overwhelming scientific consensus was misguided — they could at least claim to be acting responsibly.”
En dat was nu juist niet het geval bij de tegenstemmers in het Huis van Afgevaardigden. Die hebben helemaal niet over de kwestie nagedacht. “If you watched the debate on Friday, you didn’t see people who’ve thought hard about a crucial issue, and are trying to do the right thing. What you saw, instead, were people who show no sign of being interested in the truth. They don’t like the political and policy implications of climate change, so they’ve decided not to believe in it — and they’ll grab any argument, no matter how disreputable, that feeds their denial.” Met name Paul Broun of Georgia spande de kroon met zijn bewering dat de klimaatverandering niets anders is dan “a ‘hoax’ that has been ‘perpetrated out of the scientific community.’ I’d call this a crazy conspiracy theory, but doing so would actually be unfair to crazy conspiracy theorists. After all, to believe that global warming is a hoax you have to believe in a vast cabal consisting of thousands of scientists — a cabal so powerful that it has managed to create false records on everything from global temperatures to Arctic sea ice.”
Kortom, Krugman reageert op de tegenstemmers in de Huis van Afvaardigen; Hofland doet verkomen alsof Krugman het heeft over alle klimaatsceptici heeft. Onjuist. Sterker nog, Hofland heeft Krugmans standpunt vertekend.

De oogst van 100 keer Arnold Heertje op Rtl.z (2/7)

Op 2 juli verscheen de honderdste column van prof. Heertje op Rtl.z. Tijd voor de vraag: wat levert de oogst van 100 keer Heertje op? Hieronder een overzicht.
Hij schroomt niet om er lustig en beschaafd op los te schelden. “Intellectuele tekorten” werden gesignaleerd bij andersdenkenden. Onder meer bij prof. Hinloopen (10.6.08), bij Marcouch van de PvdA (11.6.08) en VNO-voorzitter Wientjes (29.2.09). Terpstra blijkt als “een papegaai luidkeels te roepen wat adjudanten hem influisteren” (7.11.07). Slagter leidt een criminele organisatie. Waarvan? Hells Angels? Camorra? Nee, de VO-raad (25.9.08). En Prof. Folmer: die heeft “een forse achterstand in economisch denken ten opzichte van de internationale ontwikkeling door te verwijzen naar achterhaalde praatjes over psychologische aspecten van economisch handelen” (13.8.08). Toe maar…
Plasterk en Van Bijlsterveld (die vrouw heet Bijsterveld, maar goed) deugen ook al niet: want “liever denken ze aan de volgende verkiezingen en hun populariteit” (14.5.08).
En de Raad van Economische Adviseurs (REA) bestaat grotendeels uit klungels (2.1.08). Wie de adviezen van deze raad leest, “heeft het gevoel aardige doctoraalscripties te lezen van studenten, die enige kennis hebben verworven van betrekkelijk toevallige onderdelen van de tegenwoordig zo rijke en geavanceerde economische wetenschap. De nadruk ligt (…) op voorbarige en voorspelbare politieke conclusies”, aldus Heertje. De voorzitter van de club, een hoogleraar bedrijfskunde, “weet niets van de huidige ontwikkelingen in de economische wetenschap. (…) Van hem kan geen stimulerende, inspirerende en vooruitziende blik worden verwacht omtrent thema’s, ontleend aan de economische wetenschap.” (…) “De rapporten zijn geschreven door één van de vele afgestudeerden van onze economische faculteiten, die noch beschikt over voldoende kennis en overzicht van de economie, noch over stilistische gaven.” (...) En zo gaat dat maar door.
Soms krijgt de hele natie ervan langs: “denken in termen van waarschijnlijkheden ligt onze landgenoten niet” (4.5.09).
Nieuw is dat gescheld niet. Het is eigenlijk zo’n beetje Heertjes Trademark. In 1981 wist hij in de Volkskrant te melden dat negentig procent van het wetenschappelijk personeel onbekwaam is. Maar de column van vorige week, waarin het bestuurlijk wangedrag van een Amsterdamse politica zowat gelijk gesteld werd met moord, vond ik toch wel het absolute dieptepunt qua fatsoensoverschrijdend (wan)gedrag.
Heertje heeft natuurlijk ook zijn lieverdjes. Aleid Truijens is er zo eentje, zo blijkt uit de column van 4 maart van dit jaar. “Terecht wil Aleid Truyens van de nood van de kredietcrisis een deugd voor het onderwijs maken door de toestromende academici rechtstreeks op niveau te salariëren.” Wat mij betreft mag dat allemaal, maar toen de hoogleraren Wim Groot en Henriette Maassen van den Brink in De Volkskrant (9.8.07) een zelfde soort pleidooi hielden, kregen ze van Heertje de wind van voren: “Het idee dat wij betere leraren krijgen, indien wij de salarissen verhogen is grotesk.” Een kwestie van blikvernauwing, beet Heertje de beide hoogleraren op 3 september 2007 in Trouw toe (in een artikel dat overigens bijna identiek was aan het stuk in de Volkskrant). Conclusie: het gaat dus niet om het idee, maar om de vraag of Heertje een pesthekel heeft aan de bedenker van dat idee.
Het belangrijkste gebod van deze columnist is: ‘gij zult de Grote Arnold niet tegenspreken.’
Als dat wel gebeurt, komt Heertjes ego in opstand en schieten alle remmen echt los (24.7.08). Dat leverde dan wel weer lachwekkende taferelen op. Zo belde hij de gemeente Zaandam en vroeg de telefonist om hem door te verbinden met de secretaresse van de burgemeester. Volgens de procedure moest Heertje aangeven waar het over gaat. “Dat gaat u niets aan”, brieste Heertje. En dus werd De Grote Prof niet doorverbonden. Misdadig gedrag, brulde de econoom op de Rtl.z-site. En hup, weer een stukje gevuld.
Soms zijn de columns hilarisch. Bijvoorbeeld over de nieuwe lerarenopleiding voor het basisonderwijs (25.9.08). Prima, jubelde Heertje, dat de faculteit onderwijskunde van de Universiteit van Utrecht leerkrachten voor het basisonderwijs op academisch niveau gaat opleiden. “In Utrecht heeft men begrepen dat er moet worden afgerekend met de jarenlange terreur van hoogleraren in de onderwijskunde, die zelf geen vak beheersen en nooit voor de klas hebben gestaan”. En waar worden de academische pabostudenten precies opgeleid? Inderdaad, aan de opleiding waar “sinds jaar en dag de terroriserende hoogleraren in de onderwijskunde de scepter zwaaien”.
Ook leuk: die column over de rechtenopleiding op hbo-niveau. Heertje had er absoluut niets van begrepen, maar niet gehinderd door enige kennis van zaken braakte hij de ene na de andere onjuistheid uit. Maar nog leuker was dat de man die voortdurend wijst op de teloorgang van het onderwijs in die column de ene spelfout na de andere produceert: het is niet ‘HBO’, maar ‘hbo’; het is ook niet ‘HAVO’, maar havo; het is 'vwo' en niet ‘VWO’.
U begrijpt dus dat ik elke keer reikhalzend uitkijk naar deze columns. Maar anders dan het digitale klapvee dat voortdurende lofuitingen op de Rtlz.nl post, ben ik niet echt enthousiast. Zal wel liggen aan mijn enorme intellectuele tekort.

Kan geen toeval zijn... (1/7)

Over de retoriek van de grote getallen.
Een veertienjarige scholier raakte onlangs gewond aan zijn hand. Reden: een meteorietje. Een Duitse astronoom stelde gerust: de kans dat iemand door een meteoriet wordt getroffen is slechts één op honderd miljoen per jaar.
Maar ook dat stelt Maarten Keulemans, wetenschapsjournalist van de Volkskrant, eigenlijk helemaal niet gerust (VK, 20.6.09). Hij maakt het volgende rekensommetje: met 6.800 miljoen inwoners wordt er elke week ergens op de aarde iemand verpletterd door een meteoriet. Kennelijk zijn de meteorieten ons goed gezind, want we horen zelden verhalen over verpletterde mensen.
Nu weet die astronoom dat ook wel en er is dus iets anders aan de hand. Hoewel de kans buitengewoon klein is, zal een meteoriet van enige omvang enkele miljarden mensen vernietigen. Als je dat getal uitsmeert over de tijd, zegt Keulemans, dan kom je uit op een gemiddelde van 1 op 100 miljoen per jaar.
Kortom, een boekhoudkundige truc leidt uiteindelijk tot de conclusie dat die kans één op 100 miljoen per jaar is.
Kan geen toeval zijn.