Verbrugge en de PVV (10.2.10)

In het NRC (6.2.10) stond het volgende, enigszins curieuze berichtje: ‘Over onderwijs verlopen de contacten beter. Voorzitter Ad Verbrugge van de vereniging Beter Onderwijs Nederland is positief over de PVV. “Op basis van wat ik tot dusverre aan plannen heb gehoord, zou ik er niet zo rouwig om zijn als de PVV in de regering komt”, aldus Verbrugge’.

Verbrugge, de Amsterdamse filosoof en voorzitter van BON, was kennelijk verbaasd over de commotie, want twee dagen later stond er al een ingezonden stuk van zijn hand in het NRC. “Over het artikel 'De PVV mijdt het middenveld' (NRC Handelsblad, 6 februari) het volgende. In reactie op een telefonische vraag wat ik als voorzitter van Beter Onderwijs Nederland en als belangenbehartiger van het onderwijs zou vinden van PVV-deelname aan de regering, heb ik geantwoord dat ik verschillende bezwaren zie en dat ik zeker wat betreft de islam, het AOW-standpunt e.d. danig van mening verschil met de standpunten van deze partij en de presentatie daarvan. In het in deze krant gepubliceerde Deltaplan voor onderwijs verzette ik me juist tegen segregatie. Maar eerlijk is eerlijk, door de wijze waarop deze partij zich over verschillende kwesties inzake het onderwijs heeft uitgelaten - en daar ging de vraag over - moest ik in alle nuchterheid erkennen dat daar veel elementen in zitten die overeenkomen met die van onze vereniging, zoals vorig jaar ook werd vastgesteld tijdens ons symposiumdebat met de onderwijswoordvoerders van de verschillende partijen. Samen met de SP en tot op zekere hoogte ook de PvdA was de PVV toen bijvoorbeeld van mening dat het huidige machtsblok binnen het onderwijs moest worden opengebroken.
Om niet aan de al te gemakkelijke behoefte toe te geven het gehele programma van de PVV als gevaarlijk en dom te bestempelen, heb ik op de vraag naar regeringsdeelname geantwoord dat ik daar dus vanuit louter onderwijs bezien niet zo rouwig om zou zijn, met de uitdrukkelijke aantekening dat ik genoeg andere inhoudelijke en praktische bezwaren zie; en zelfs wat onderwijs betreft niet al hun standpunten deel. Dat NRC Handelsblad deze context niet noemt, vind ik verwijtbaar. De simpele toevoeging 'wat onderwijs betreft' zou al een stuk genuanceerder zijn geweest.”
Analyse. Als Verbrugge inderdaad gezegd heeft wat hij in het ingezonden stuk beweert, dan is zijn standpunt vertekend. Er is dan wel heel selectief geciteerd.