Wessling versus HP/DE Tijd (5.3.10)

Prof. Wesseling zei ooit over Willem-Alexander: ‘ongetwijfeld intelligent, maar geen intellectueel’. Deze uitspraak leidde volgens hem tot een klassieke uitglijder: “Onnodig te zeggen dat ook deze inmiddels wel zeer oude koe in het betreffende HP/De Tijd-artikel uit de sloot wordt gehaald, nu zelfs met de toevoeging dat ik hiermee twijfel heb gezaaid over zijn ‘universitaire prestaties’. “
Een uitglijder dus, meent Wesseling. “Ik heb nogal eens over intellectuelen in het algemeen en Franse intellectuelen in het bijzonder geschreven en ik kan de betekenis van dit onderscheid heel simpel uitleggen met een kort citaat uit eigen werk: ‘Achter het woord ‘intellectueel’ gaan twee verschillende begrippen schuil. Voor sommigen gaat het om een sociale categorie. Zij verstaan er onder de beoefenaars van de intellectuele beroepen, degenen die door Sartre de ‘techniciens du savoir’ zijn genoemd. Dit zijn de intellectuelen in de ruime zin van het woord.
Daarnaast zijn er de intellectuelen in beperkte zin, die door Stalin zo aardig de ‘ingenieurs van de ziel’ zijn genoemd, zij die een rol spelen in het publieke debat, die opinies geven en opinies beïnvloeden of, zoals Sartre zegt, die zich bemoeien met de zaken van anderen. Dit zijn de ‘echte’ intellectuelen. De intellectueel definieert zich hier dus niet door zijn opleiding, maar door zijn rol in de maatschappij.’ " En Willem-Alexander behoort dus niet tot die echte intellectuelen.

Maar HP/De Tijd was over dit commentaar niet te spreken en reageerde gebeten:
“...eerst HP/De Tijd te verwijten dat ze uw quote (...) onlangs opnieuw hebben afgedrukt. U noemt dat ‘oude koeien uit de sloot halen’. Daar begrijp ik niks van. Want hoe kunt u, als historicus, bezwaar maken tegen het uit de sloot halen van oude koeien? Dat is toch uw broodwinning? Minstens zo bizar is dat u uzelf niet goed citeert. U zei destijds in HP/De Tijd (25 augustus 1995, pagina 34) dat Willem-Alexander ‘beslist geen intellectueel’ was. In uw speech van vorige week liet u dat woordje ‘beslist’ echter weg, zodat uw quote met terugwerkende kracht werd afgezwakt. Dat lijkt me niet correct en in strijd met de historische feiten. Bovendien: journalisten prikken daar zo doorheen.
Maar daarna zei u in uw speech nog iets raars. U begint opeens Jean-Paul Sartre en Jozef Stalin te citeren, en vervolgens komt u dan tot de conclusie dat eigenlijk niemand die (alleen) een doctoraalexamen heeft afgelegd een intellectueel mag worden genoemd.” Geleuter, sneert de auteur. “Een intellectueel, zo meldt de Van Dale die Máxima altijd bij zich heeft, is ‘iemand met een hoge algemene ontwikkeling, die beschouwelijk is aangelegd, zorgvuldig nadenkt en verstandelijk overweegt’. Zo iemand, zei u in 1995, is Willem Alexander dus ‘beslist niet’. Of bent u intussen van mening veranderd? Zégt u dat dan gewoon, eerlijk en recht voor z’n raap, dan weten de mensen tenminste waar ze met mij aan toe zijn.”
Analyse. 1. Wesseling is vrij om uit te gaan van zijn eigen definitie, die in de lijn ligt van de omschrijving die Sartre aan het begrip gaf.
2. Wesseling draaide niet, zoals de auteur beweert. Hij hanteert nog steeds dezelfde definitie. Door nu met de Van Dale aan te komen, suggereert de auteur dat Wesseling zijn standpunt heeft gewijzigd. Dat is echter niet het geval.
3. Oude koeien uit de sloot halen (zeuren over iets uit het verleden) is toch echt iets anders dan geschiedenis bedrijven.