Etty, Van de Reijt & de verzetsmythe (18.5.10)

In de column 'De namen der gevallenen' van Elsbeth Etty (NRC, 4 mei 2010) citeert Elsbeth Etty uit het boek ‘Zestig jaar herrie om twee minuten stilte’ van historica Maud van de Reijt: “Het werkelijke verzet van een klein groepje mensen werd tot verzet van de complete natie verheven.” Etty zet daar vraagtekens bij. Door consequent van de ‘verzetsmythe’ te spreken, slaat Maud van de Reijt door naar het andere uiterste. “Het verzet was geen mythe, het heeft echt bestaan”, aldus Etty.
Van de Reijt, een journaliste die cum laude afstudeerde in de Duitslandstudies en in 2009 de Nationale Scriptieprijs won, bestrijdt die weergave (NRC, 10 mei 2010): “Etty neemt dus een citaat van mij dat begint met de woorden ‘het werkelijke verzet’, en concludeert vervolgens dat ik zeg dat er geen werkelijk verzet was. Dat moet dus een wel misverstand zijn. De verwarring ontstaat omdat Etty de in de literatuur gangbare term ‘verzetsmythe’ ten onrechte uitlegt als de opvatting dat ieder verzet een mythe was, in plaats van de algemeen geaccepteerde uitleg dat in de eerste decennia na de oorlog de omvang van het verzet groter werd voorgesteld dan het werkelijk was.”
Analyse. Uitgaande van de strategie van de maximaal redelijke interpretatie, vertekent Etty het standpunt van Van de Reijt door niet de gangbare interpretatie van de ‘verzetsmythe’ te hanteren, maar door aan dat begrip een eigen interpretatie te verbinden. Met die interpretatie maakt Etty zich schuldig aan een stroman.