Irrationaliteit als uitgangspunt (Bleich over Het Arnold Heertje-effect 2)

Hokjesdenken

In de recensie in de Volkskrant verkondigde Bleich, zoals gezegd, een fiks aantal onjuistheden over mijn boek. Het leek me wenselijk een en ander te corrigeren en daarom ik stuurde een briefje naar de Volkskrant. Mijn kanttekeningen: mijn boek ging helemaal niet over columnisten; ik heb geen aanvaring met Heertje over de juridische opleiding; ik gebruik wel degelijk argumenten om te bewijzen dat de argumentatie van Truijens niet deugt. (Vooral dat laatste lijkt me nog al fundamenteel als een boek over argumenten gaat.)

Wel, de Volkskrant vindt dat alles niet van belang. Nu is het buitengewoon naïef te veronderstellen dat mijn correctie zin heeft. Elk weerwoord van mijn kant is en blijft per definitie verdacht. En wat kun je verder verwachten als iemand zo irrationeel denkt en schrijft als Bleich.

En bovendien moet ik niet zeuren. Want Bleichs recensie belichaamt precies mijn bezwaren tegen media-intellectuelen. Ze leverde geen enkele inhoudelijke kritiek. Sterker nog, ze vertoonde al trucjes van de media-intellectuelen: val een andersdenkende persoonlijk aan; maak zijn motieven verdacht en breng alle complexiteit terug tot een hapklare mediabrok. En vooral géén inhoudelijke analyse, want dan moet je toch met (een paar) argumenten komen. Precies mijn verwijt aan Heertje en de andere intellectuelen.

Wat ik verder opvallend vind, is dat Bleich – en zij is helaas niet de enige - niet in de gaten heeft dat het bij informele logica niet om inhoudelijke standpunten gaat, maar om de argumentaties die ten grondslag liggen aan die inhoudelijke standpunten. Dat is op z’n minst merkwaardig.