Bommeljé over het hoger onderwijs


Oxford University

Het schandaal over declaraties aan de TU Delft is volgens Bommeljé geen incident, maar een symptoom van een ontspoorde bestuurscultuur in het hoger onderwijs (NRC, 4 feb. 2012). Bommeljé onderbouwt die stelling zeer gebrekkig. Hij wijst op het declaratiegedrag van de Delftse decaan Waas en collegevoorzitter Van den Berg. De bestuurders van Inholland declareerden er inderaad lustig op los, maar het was wel net zo netjes geweest om te vermelden dat het ging om de voorgangers van het huidige bestuur.
De rest van de argumenten deugen niet. Bestuurders Smit (VU) en Kortmann (Radboud) hebben betaalde commissariaten, maar dat heeft niets van doen met onterechte declaraties. Het enige harde feit dat Bommeljé over Ritzen (Unimaas) presenteert, is dat hij veel naar China gaat. Boekhoud en Koops worden eveneens als voorbeeld opgevoerd, maar beide bestuurders werken niet in het hoger onderwijs. Dan moet Bommeljé een bruggetje bouwen en dat gebeurt dan ook prompt: “Middelbaar onderwijs neemt dit gedrag moeiteloos over.” En zo kan Bommeljé alles bij elkaar fröbelen, zonder nadere argumentatie.
Verder selecteert Bommeljé alleen die feiten die hem pas komen. Volgens hem heeft het hoger onderwijs het afgelopen twintig jaar uiterst povere resultaten geleverd. Het bewijs is eenvoudig: het studierendement is verhoudingsgewijs laag (47%) en het niveau slecht. Het bewijs voor de laatste stelling komt van de commissie-Veerman. Die concludeerde volgens hem dat het hoger onderwijs in Nederland ronduit slechts is. We hebben het dan over een commissie die schreef dat “de basiskwaliteit van het onderwijs op orde is” en ook dat “het Nederlandse universitaire onderzoek internationaal zeer goed presteert”. In de ranking van de Times Higher Education, zo bleek onlangs, staan de gezamenlijke Nederlandse universiteiten op nummer 3. Dat alles past niet in het betoog van Bommeljé. Evenmin dat men op het ministerie onlangs liet uitrekenen dat het hbo een overhead van bijna 26% kent. Dat is nog te veel, maar het klinkt anders dan Bommelje’s spectaculaire 80%.
In Amsterdam mag men in het eerste studiejaar een 5 compenseren met een hoger cijfer. Voor Bommeljé is dat het zoveelste bewijs van de academische verloedering. Maar zelf neemt hij niet eens de moeite om ook maar één inhoudelijk argumenten van de voorstanders van de maatregel te bespreken.
In een eerder artikel in het NRC ‘bewees’ Bommeljé dat er al sinds 1984 gefraudeerd wordt in het hbo. Het bewijs: 100 onterechte inschrijvingen bij de Haagse hogeschool in 1984 en een dubieuze inschrijvingszaak bij een aantal hogescholen in 2000. Toegegeven: sinds 1984… bekt veel beter.