Herdenking

In zijn tirade 'Handhaaf herdenking in oorspronkelijke vorm' (de Volkskrant, 16 april 2014) neemt historicus A.J.E. Wunderink stelling in het debat over de dodenherdenking. Hij is het niet eens met Marc Davidson, die eerder in de Volkskrant een pleidooi hield om vooral te herdenken wat Nederland anderen heeft aangedaan.
In dit stuk laat ik zien hoe makkelijk Wunderinks argumentatie kan worden omgedraaid. Door slechts een paar woorden te veranderen, krijgen we een stuk waarin precies het omgekeerde wordt beweerd, zonder dat de oorspronkelijke argumentatie ingrijpend gewijzigd moet worden. Ik laat steeds eerst de oorspronkelijke alinea zien en vervolgens laat ik zien hoe ik die alinea heb aangepast.

1. Oorspronkelijk


De essentie van de herdenking is, dat ontelbare landgenoten gruwelijk om het leven zijn gekomen als gevolg van een moordenaarsbende die ons land bruut heeft overvallen.
Marc Davidson krijgt vier kolommen de ruimte om zijn mening te ventileren over hoe wij 4 mei dienen te herdenken. Zelden zo'n dom, naïef en zalverig gezwets onder ogen gehad. Zijn betoog samenvattend: niet wat de Duitsers ons hebben aangedaan, maar wat wij anderen hebben aangedaan moeten wij herdenken.

Hiervan maken wij het volgende:

“De essentie van de herdenking is, dat ontelbare landgenoten gruwelijk om het leven zijn gekomen als gevolg van een moordenaarsbende die ons land bruut heeft overvallen.
A.J.E. Wuderink krijgt drie kolommen de ruimte om zijn mening te ventileren over hoe wij 4 mei dienen te herdenken. Zelden zo'n dom, naïef en zalverig gezwets onder ogen gehad. Zijn betoog samenvattend: niet wat wij anderen hebben aangedaan, maar wat de Duitsers ons hebben aangedaan, moeten wij herdenken.


2. We gaan verder met het oorspronkelijke betoog:

Dit is de zoveelste en bespottelijkste variant van een reactionaire lobby, die reeds vlak na de oorlog de kop opstak en er kennelijk belang bij heeft het nergens mee te vergelijken onrecht dat ons land is aangedaan uit ons bewustzijn te stoten. De strategie van die lobby bestaat eruit om aan de 4-mei-herdenking net zo lang met farizeïsche argumenten te morrelen en te knoeien, dat niemand er meer iets van begrijpt.” 



We maken hier het volgende van:

“Dit is de zoveelste en bespottelijkste variant van een reactionaire lobby, die reeds vlak na de oorlog de kop opstak en er kennelijk belang bij heeft het nergens mee te vergelijken onrecht dat ons land is heeft aangedaan uit ons bewustzijn te stoten. De strategie van die lobby bestaat eruit om aan de 4-mei-herdenking net zo lang met farizeïsche argumenten te morrelen en te knoeien, dat niemand er meer iets van begrijpt.” 




3. Weer terug naar het oorspronkelijke stuk:

“Dat begint al als Davidson beweert, dat het doel van de herdenking is: een waarschuwing waartoe haat en oorlog kan leiden. De paus had het niet beter kunnen zeggen. Maar het stuitende is dat Davidson hiermee bewust de concrete essentie van de herdenking verdonkeremaant en vervangt door een nietszeggend ethisch cliché. De essentie van de herdenking is dat ontelbare landgenoten op verschillende wijze gruwelijk om het leven zijn gekomen als gevolg van een moordenaarsbende, die ons neutrale land bruut en onverwachts heeft overvallen en vijf jaar lang angst, dood en verderf heeft gezaaid.” 



Dat wordt in de nieuwe versie:

Dat begint al als Davidson beweert, dat het doel van de herdenking is: een waarschuwing waartoe haat en oorlog kan leiden. De paus had het niet beter kunnen zeggen. Maar het stuitende is dat Davidson men hiermee voorstanders van historische herdenking bewust de concrete essentie van de herdenking verdonkeremanen en vervangen door een nietszeggend ethisch cliché. De essentie van de herdenking is juist niet dat ontelbare landgenoten op verschillende wijze gruwelijk om het leven zijn gekomen als gevolg van een moordenaarsbende, die ons neutrale land bruut en onverwachts heeft overvallen en vijf jaar lang angst, dood en verderf heeft gezaaid.”


4. Oorspronkelijk:

“En er is geen enkele reden om van deze oorspronkelijke bedoeling van de herdenking af te wijken. Het veel gehoorde actualiteitsargument, dat betrokkenen en nabestaanden niet meer in leven zijn en dat de nieuwe generaties wel iets anders aan hun hoofd hebben, is kortzichtig en onjuist, omdat de betekenis van de herdenking daar ver boven uitstijgt. 



De aangepaste versie:

“En er is geen enkele reden om van deze oorspronkelijke bedoeling van de herdenking af te wijken. Het veel gehoorde actualiteitsargument, dat betrokkenen en nabestaanden niet meer in leven zijn en dat de nieuwe generaties wel iets anders aan hun hoofd hebben, is niet kortzichtig en onjuist, omdat de betekenis van de herdenking daar ver boven het historische argument uitstijgt.


5. Oorspronkelijk:

“Waarom verdient de herdenking het in haar oorspronkelijke vorm tot in lengte van dagen te handhaven? Omdat haar bestaansrecht gebaseerd is op het feit, dat de periode '40-'45 er een van de meest dramatische en traumatische was uit de meer dan duizendjarige geschiedenis van Nederland. De Tweede Wereldoorlog is zo'n ingrijpend en bepalend gebeuren, daar kan je niet omheen, vanwege de verschrikkingen, maar ook om het naoorlogse Europa te begrijpen. Historisch besef bepaalt onze identiteit en onze cultuur en is een noodzaak, want een volk zonder historisch besef is een volk dat niet in staat is coherent te denken.”

Dat wordt:

“Waarom verdient de herdenking het in haar oorspronkelijke vorm niet tot in lengte van dagen te handhaven? Omdat haar bestaansrecht enkel gebaseerd is op het feit, dat de periode '40-'45 er een van de meest dramatische en traumatische was uit de meer dan duizendjarige geschiedenis van Nederland. Toegegeven, de Tweede Wereldoorlog is zo'n ingrijpend en bepalend gebeuren, daar kan je niet omheen, vanwege de verschrikkingen, maar ook om het naoorlogse Europa te begrijpen. Historisch besef bepaalt onze identiteit en onze cultuur en is een noodzaak, want een volk zonder historisch besef is een volk dat niet in staat is coherent te denken.”
  

6. Oorspronkelijk:

Elke poging om de herdenking te ondermijnen door haar te laten opgaan in een hutspot van alle mogelijke latere voorvallen waarbij slachtoffers zijn gevallen, getuigt van een beschamend gebrek aan gevoel voor verhoudingen. 

De hutspot die Davidson voorstaat is dat hij van ons verlangt dat wij op 4 mei onder meer onze schuld voor Srebrenica en voor de slavenhandel gedenken. 

Als er sprake is van een tanende belangstelling voor de 4-mei-herdenking, komt dat door de sleutelaars à la Davidson, die er op uit zijn de herdenking te devalueren, en verder door de verwaarlozing van ons geschiedenisonderwijs en door de infantiliserende fun-mentaliteit die op tv en radio de boventoon voeren en waar educatieve programma's en serieuze debatten geen schijn van kans hebben. 




Dat wordt:

Elke poging om de herdenking te ondermijnen door haar te laten opgaan in een hutspot mix van alle mogelijke latere voorvallen waarbij slachtoffers zijn gevallen, getuigt echter niet van een beschamend gebrek aan gevoel voor verhoudingen. 

De hutspot mix die Davidson ik voorsta is dat ik van ons verlangt dat wij op 4 mei onder meer onze schuld voor Srebrenica en voor de slavenhandel gedenken. 

Als er sprake is van een tanende belangstelling voor de 4-mei-herdenking, komt dat niet door de sleutelaars à la Davidson, die er op uit zijn de herdenking te devalueren upgraden, en verder maar door de verwaarlozing van ons geschiedenisonderwijs en door de infantiliserende fun-mentaliteit die op tv en radio de boventoon voeren en waar educatieve programma's en serieuze debatten geen schijn van kans hebben.


7. Oorspronkelijk

Ten slotte: Davidson licht zijn 'waarschuwing waartoe haat kan leiden' niet nader toe. Hij doelt waarschijnlijk onder andere op de jarenlange (begrijpelijke) negatieve gevoelens die Nederlanders zijn gaan koesteren jegens Duitsland. 

Het zakenleven en de overheid vreesden dat een dodenherdenking daar blijk van zou geven. Zij waren druk bezig Duitslands belangrijkste handelspartner te worden en stelden daarom alles in het werk om alles wat pijnlijk kon zijn voor de Duitsers weg te schrappen. Dus moest het verleden verdrongen worden en de herdenking vervalst. 



Dat wordt:

Ten slotte: voorstanders van de historische herdenking lichten hun 'waarschuwing waartoe haat kan leiden' niet nader toe. Hij doelt zien waarschijnlijk niet onder andere op de jarenlange (begrijpelijke) negatieve gevoelens die Nederlanders zijn gaan koesteren jegens Duitsland. 

Het is niet zo dat het zakenleven en de overheid vreesden dat een dodenherdenking daar blijk van zou geven. Zij waren druk bezig Duitslands belangrijkste handelspartner te worden en maar stelden echter helemaal niets daarom alles in het werk om alles wat pijnlijk kon zijn voor de Duitsers weg te schrappen. Dus moest het verleden moest niet verdrongen worden en de herdenking moest niet vervalst worden.


8. Oorspronkelijk

Het valt niet te ontkennen dat een groot deel van het Duitse volk rond de jaren veertig bevangen was door een collectieve waanzin, door Hitler te adoreren in plaats van hem te doorzien. Evenmin valt te ontkennen dat, terwijl wij met 'moordenaarsbende' de nazimachthebbers op het oog hebben, het toch gewone soldaten waren, die enthousiast de bevelen van hun nazisuperieuren opvolgden. 

Desalniettemin is het een categorische misvatting dat een herdenking van nazislachtoffers kwetsend zou moeten zijn voor het Duitse volk. Integendeel, ook de Duitsers werden bevrijd van het nazi-juk, al hebben dat sommigen niet onmiddellijk als een bevrijding kunnen ervaren. Maar na drie generaties is er definitief een nieuw Duitsland ontstaan, het meest pacifistische land van Europa. Wat let ons dan nog te herdenken volgens de regels van historische zuiverheid?
Tot op heden speelt het bizarre probleem: hoe herdenken wij, zonder Duitsers te kwetsen?

Dat wordt:

Het valt niet te ontkennen dat een groot deel van het Duitse volk rond de jaren veertig bevangen was door een collectieve waanzin, door Hitler te adoreren in plaats van hem te doorzien. Evenmin valt te ontkennen dat, terwijl wij met 'moordenaarsbende' de nazimachthebbers op het oog hebben, het toch gewone soldaten waren, die enthousiast de bevelen van hun nazisuperieuren opvolgden. 

Desalniettemin is het een categorische misvatting dat een herdenking van nazislachtoffers kwetsend zou moeten zijn voor het Duitse volk. Integendeel, Maar ook de Duitsers werden bevrijd van het nazi-juk, al hebben dat sommigen niet onmiddellijk als een bevrijding kunnen ervaren. Maar na drie generaties is er definitief een nieuw Duitsland ontstaan, het meest pacifistische land van Europa. Wat let ons dan nog te herdenken volgens de regels van de actuele historische zuiverheid?

Tot op Heden speelt het bizarre probleem niet meer: hoe herdenken wij, zonder Duitsers te kwetsen?


Afsluiting
Deze herschrijving laat m.i. zien hoe flinterdun de argumentatie van Wunderink in feite is. Los hiervan kan men Wunderink verwijten, dat hij zich schuldig maakt aan enkele persoonlijke aanvallen (dom, naïef, etc.) en stromannen ("...waarschijnlijk bedoelt hij...")